place

Peelstraat (Amsterdam)

Straat in Amsterdam-Zuid
2020 Kennedy House
2020 Kennedy House

De Peelstraat is een straat in Amsterdam-Zuid, Veluwebuurt; in de volksmond Landstrekenbuurt.

Fragment uit het Wikipedia-artikel Peelstraat (Amsterdam) (Licentie: CC BY-SA 3.0, Auteurs, Beeldmateriaal).

Peelstraat (Amsterdam)
Peelstraat, Amsterdam Zuid

Geografische coördinaten (GPS) Adres Nabijgelegen plaatsen
placeToon op kaart

Wikipedia: Peelstraat (Amsterdam)Lees verder op Wikipedia

Geografische coördinaten (GPS)

Breedte Lengte
N 52.338958333333 ° E 4.9002666666667 °
placeToon op kaart

Adres

Peelstraat
1079 RN Amsterdam, Zuid
Noord-Holland, Nederland
mapOpenen op Google Maps

2020 Kennedy House
2020 Kennedy House
Ervaringen delen

Nabijgelegen plaatsen

Zonder titel (Hans Ittmann)
Zonder titel (Hans Ittmann)

Aan De Mirandalaan in Amsterdam-Zuid staat een titelloos artistiek kunstwerk van Hans Ittmann. Hij maakt dit beeld voor de vestiging van het Joods Kindertehuis Le-Ezrath Ha-Jeled (Het kind ter hulpe), dat hier in 1965 gevestigd werd. Koningin Juliana der Nederlanden kwam op 16 november 1965 het gebouw openen. Vermoedelijk kwam het beeld voort uit de 1%-regeling van destijds, waarvoor subsidie moet worden aangevraagd bij het Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen Een foto ("klaar voor opening") geschoten door Jack de Nijs op 15 november 1965 laat het beeld zien. Het kreeg de naam Joods Monument, maar Ittmann had het zo geconstrueerd dat het ook door de kinderen wel gebruikt kon worden als speelobject (klimpaal). Het kindertehuis vertrok al spoedig (1975) en Stichting HVO Querido (dak- en thuislozen) neemt het gebouw en beeld over. In 1996 verdwijnt ook het paviljoenachtige gebouw om plaats te maken voor nieuwbouw van architect Bruno Albert, die het beeld wel vindt passen bij de nieuwbouw. Het beeld wordt eerst van bouwput naar bouwput gesleept om uiteindelijk bij de oplevering in de tuin te belanden van U-vormige vleugels. Het staat daar dan enige tijd, waarbij de kennis over het beeld langzaam verdwijnt. Een medewerker van het Judith van Swethuis van HVO vond dat jammer en ging zelf op onderzoek uit, waarbij hij langzaam achter de geschiedenis van het beeld kwam. Na een schoonmaakbeurt verrees het beeld in 2019 op haar oude plek langs de laan. In april 2019 wordt het opnieuw onthuld waarbij de conservator moderne kunst van het Stedelijk Museum Amsterdam Beatrice von Bormann een toelichting geeft over beeld en kunstenaar. De uiteindelijk onthulling wordt verricht door Sebastiaan Capel van de stadsdeelraad in bijzijn van een neef van de kunstenaar. Het beeld heeft dan wel haar naam verloren.

't Lalibellum
't Lalibellum

't Lalibellum is een onderdeel van Begraafplaats Zorgvlied in Amsterdam/Amstelveen. De begraafplaats werd eind 19e eeuw opgetuigd in landelijk gebied op het grondgebied van gemeente Nieuwer-Amstel. Gemeente Amsterdam knabbelde steeds meer grondgebied van die uitgebreide doch weinig bewoonde gemeente. Echter, de begraafplaats bleef behoren tot Amstelveen, maar werd door annexaties geheel omsloten door Amsterdam met haar oprukkende bewoning. Dit leidde in de 21e eeuw tot problemen. De begraafplaats lag, ondanks een stijging van het aantal crematies vol; er was geen plek voor nieuwe graven. Om toch de verzoeken te kunnen honoreren werden ‘t lalibellum gebouwd. De titel verwijst naar de rotskerken van Lalibela, alwaar een aantal kerken niet boven de grond werd gebouwd, maar ze waar ze in de rotsachtige bodem werden uit gehouwen en gegraven. In tegenstelling tot de rotsachtige bodem daar is er op het terrein (behalve kunstmatig) geen rots te vinden. Om een grafkelder te kunnen maken, moest dus veen en zand worden afgegraven, totdat een ruimte gecreëerd kon worden voor toekomstige graven. Daarbij hanteerde de begraafplaats een nieuw reglement. Er worden stoffelijke resten in kisten voor tien jaar geplaatst waarna alsnog crematie of herbegraving elders plaatsvindt. Na de crematie wordt de urn met inhoud weer in ’t lalibellum geplaatst. De ruimte dient dus op termijn (ook) tot columbarium. De kelder wordt ook gebruikt voor gemeenschappelijke graven. Bezoekers kunnen er niet in, maar de namen van de doden kunnen worden opgelicht en er is de mogelijkheid om een filmpje van overledenen te projecteren. Landschapsarchitecte Ada Wille ontwierp een grafkelder met daarop een kleine grafheuvel. De kelder, eigenlijk meer een souterrain met plek voor ruim 2200 graven, is namelijk deels ondergronds gebouwd met daarboven een terrasvormige bovenbouw. Er moest 4000 m³ afgegraven worden; tevens moesten 325 heipalen de grond in. De “stevige onderlaag” in dit gebied lag op circa 14 meter diepte. De twaalf terrassen en kolommen verwijzen naar de twaalf maanden. Door die terrasachtige structuur ontstond meteen een ruimte om (in de buitenlucht) te herdenken. De opstapjes van de terrassen laten de namen van de begravene(n) zien. Het terrein wordt in één hoek afgesloten met een symbolische “eeuwige vlam”. Op 20 juni 2012 vond de opening plaats voor deze toen in Nederland en verre omstreken nieuwe vorm van begraven. Het terrein wordt afgesloten door een grote legplaat met een gedicht van Kees Koot.