place

Swier

Geografie van BeekdaelenPlaats in Limburg (Nederland)
Zjwier isidoruskapel2
Zjwier isidoruskapel2

Swier (Limburgs: Zjwier) is een gehucht in de Nederlandse provincie Limburg. Het is een deel van de gemeente Beekdaelen. Voor 2019 was Swier een onderdeel van de toenmalige gemeente Nuth en voor 1982 van de toenmalige gemeente Wijnandsrade. Op een kaart uit 1558 wordt de nederzetting aangeduid als Schwyer. Het dorp ligt in de overgang tussen het Geleenbeekdal/Bekken van Heerlen naar het Centraal Plateau op een heuvelrug, die parallel loopt met de Bissebeek. Er bevinden zich grote boerderijen zoals de Brommelderhof, de Swierderhof, de oude Bongart en de nieuwe Bongart. De historie van deze boerderijen gaat terug tot in de Middeleeuwen.

Fragment uit het Wikipedia-artikel Swier (Licentie: CC BY-SA 3.0, Auteurs, Beeldmateriaal).

Swier
Landweg, Beekdaelen

Geografische coördinaten (GPS) Adres Nabijgelegen plaatsen
placeToon op kaart

Wikipedia: SwierLees verder op Wikipedia

Geografische coördinaten (GPS)

Breedte Lengte
N 50.903888888889 ° E 5.8991666666667 °
placeToon op kaart

Adres

Landweg 4
6363 CP Beekdaelen
Limburg, Nederland
mapOpenen op Google Maps

Zjwier isidoruskapel2
Zjwier isidoruskapel2
Ervaringen delen

Nabijgelegen plaatsen

Brommelermolen
Brommelermolen

De Brommelermolen is een voormalige watermolen in de Nederlandse buurtschap Brommelen, provincie Limburg. Oorspronkelijk werd de molen aangedreven door het water van de Geleenbeek. Na het verwijderen van de moleninstallatie in 1965 is het resterende gebouwencomplex ingericht als woning. Vóór 1490 werd de eerste Brommelermolen gebouwd door de eigenaren van de heerlijkheid Wijnandsrade, de familie Mascherel. Deze zogenaamde banmolen werd gebruikt om graan te malen. Toen Maria Mascherel in 1531 trouwde met Willem van Bongart, kwam Wijnandsrade - met de molen - in zijn familie terecht. De familie Van Bongart verkocht in 1916 de molen aan de Heerlener Bank, die het weer doorverkocht aan de familie Bemelmans. Deze familie pachtte de molen al sinds 1879. In mei 1940 bliezen Nederlandse soldaten de brug bij de molen op, waardoor het gebouw schade opliep. De brug werd op 16 september 1944 opnieuw opgeblazen, nu door terugtrekkende Duitse troepen, en de molen raakte weer beschadigd. Ook de mijnbouw in het gebied in de eerste helft van de 20e eeuw had gevolgen voor de molen: de gebouwen liepen schade op en de watertoevoer van de Geleenbeek nam af. Hierdoor werd de molen na de Tweede Wereldoorlog nauwelijks meer gebruikt. Het Waterschap van de Geleen- en Molenbeek kocht in 1959 de molenrechten af. Na het overlijden van de eigenaar in 1961 werd het molenbedrijf opgeheven en het gebouw verkocht. In 1965 werden het waterrad en het maalwerk verwijderd. De Geleenbeek kreeg weer zijn natuurlijk verloop dankzij het dempen van de molentak.