place

Plaisancebrug

Basculebrug in BelgiëBrug in Mechelen
Plaisancebrug
Plaisancebrug

De Plaisancebrug bestaat uit twee basculebruggen naast elkaar over het Kanaal Leuven-Dijle (ook wel Leuvense Vaart genoemd) in de stad Mechelen. De brug is eigendom van Waterwegen en Zeekanaal en maakt deel uit van de N227. Reeds in 1910 lag op deze plaats een manueel bediende draaibrug over de vaart, die in 1928 werd vervangen door een modernere, elektrisch aangedreven draaibrug. In 1981-1983 werd deze dan vervangen door de huidige twee basculebruggen, met één brug per rijrichting.

Fragment uit het Wikipedia-artikel Plaisancebrug (Licentie: CC BY-SA 3.0, Auteurs, Beeldmateriaal).

Plaisancebrug
Brusselsepoortstraat, Mechelen Mechelen-Zuid (Mechelen)

Geografische coördinaten (GPS) Adres Nabijgelegen plaatsen
placeToon op kaart

Wikipedia: PlaisancebrugLees verder op Wikipedia

Geografische coördinaten (GPS)

Breedte Lengte
N 51.021111111111 ° E 4.4719444444444 °
placeToon op kaart

Adres

Plaisancebrug

Brusselsepoortstraat
2800 Mechelen, Mechelen-Zuid (Mechelen)
Antwerpen, België
mapOpenen op Google Maps

Plaisancebrug
Plaisancebrug
Ervaringen delen

Nabijgelegen plaatsen

Brusselpoort (Mechelen)
Brusselpoort (Mechelen)

De Brusselpoort is de laatst overgebleven stadspoort in Mechelen. De poort staat op de rand van het historische centrum van de stad waar de ringweg kruist met de Hoogstraat. Tussen 1264 en 1268 werd de Mechelse stadsomwalling aangelegd. De Brusselpoort werd in de 13e eeuw gebouwd en was de hoogste van de Mechelse stadspoorten. Daarom werd ze ook Overste poort genoemd. Het gebouw is opgetrokken in Doornikse steen, en rond 1400 verhoogd met Balegemse steen (lichtere kleur). Het behoort tot de Scheldegotiek. In de 16e eeuw werden de torens verlaagd en werd de dakconstructie veranderd. Naast de functie van toegangspoort werd het gebouw sindsdien nog voor andere doeleinden gebruikt. Zo was er een politiekantoor, een vergaderlokaal en het kunstatelier van Alfred Ost. Daarna werd het een museum over de geschiedenis van de stad. Het bevat documenten en archeologische vondsten. Sinds 2010 is Het Firmament er gevestigd, (t)Huis voor Figurentheater in Vlaanderen. De Brusselpoort is niet toegankelijk voor bezoekers. Zoals in de meeste andere steden werden de Mechelse stadsmuren afgebroken. Alleen de Overste Poort (Brusselpoort) ontsnapte aan de afbraak. Op de overgebleven open ruimte worden boulevards aangelegd die nu de R12 vormen, de kleine ring van Mechelen, die het stadsverkeer vandaag in goede banen leidt en waar de Brusselpoort middenin ligt. Soortgelijke oplossingen als ringwegen en stadssingels zijn terug te vinden in de Leien te Antwerpen, de Kleine Ring rond Brussel en de Ringvaart rond Brugge, die vroeger alle dienstdeden als stadsmuren.

Korenmarkt (Mechelen)
Korenmarkt (Mechelen)

De Korenmarkt (ook wel Graanmarkt) is een straat in het centrum van Mechelen, die zich bevindt tussen de Mechelse Brusselpoort op de ringweg en de IJzerenleen. De markt is het op een na hoogste niveau van de stad, alleen de nabij gelegen Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijlekerk (aan de Onze-Lieve-Vrouwestraat) ligt hoger. De Korenmarkt wordt beschouwd als de plaats van de eerste bewoning in Mechelen en het beginpunt van de stad. Eeuwen later werd, ter ere van de Mechelse patroonheilige Sint-Rombout, aan de overkant van de rivier Dijle een kapel gebouwd wat leidde tot een toevloed van pelgrims, waardoor de stad gevoelig uitbreidde. In de Middeleeuwen werd de kapel vervangen door de Sint-Romboutskathedraal. De Korenmarkt werd in de 13e eeuw al vermeld onder deze naam. De oudste bebouwing op de huidige markt zijn enkele romaanse kelders onder huisnummer 47-49. De Korenmarkt is langs alle kanten omgeven door kleine zelfstandige winkels en cafés en telt verschillende historische gebouwen: De Akeley (nummer 36), dit huis stond al bekend onder deze naam in 1533. Het werd in 1727 heropgebouwd, zoals vermeld staat in de gevelsteen. Sint-Jacob (nummers 30-32), deze afspanning werd al vermeld in 1471. In de 13e eeuw stond op deze plaats het koren- of meelhuis. In 1774 werd de houten gevel vervangen door een stenen gevel. Nummer 12, het oorspronkelijke gebouw werd verwoest tijdens de Eerste Wereldoorlog en rond 1919 werd een huis in art decostijl opgetrokken naar plannen van architect Chabot. Den Duytsch/Lakenhuis/Hof van Schoofs (nummer 8). Het Vosken (nummer 9), deze huisnaam werd al in 1474 vermeld in een schepenakte. Tot 1773 stonden hier drie huizen die herbouwd werden tot een gebouw met een vos in het smeedijzeren traliewerk boven de deur. Hof van Cortenbach (nummers 23-29).

Klooster van de ongeschoeide karmelietessen (Mechelen)
Klooster van de ongeschoeide karmelietessen (Mechelen)

Het Klooster van de Ongeschoeide Karmelietessen is een voormalig 19e-eeuws klooster in Mechelen gelegen tussen de Adegemstraat en Dijle, een kaai langs de Dijle dwars op de Kaardenstraat. De ongeschoeide karmelietessen, ook gekend als theresianen naar hun voorbeeld Theresa van Avila, een katholieke bedelorde, hadden vanaf het begin van de 17e eeuw een kloostergemeenschap in Mechelen. Een eerste klooster was voltooid aan de Lange Biest (nu Sint-Jansstraat) in 1711. Het was in gebruik tot de sluiting in 1783 als gevolg van het Edict van keizer Jozef II dat contemplatieve ("onnutte") ordes afschafte. Enkele zusters verhuisden daarna naar een huis op het Sint-Romboutskerkhof waarna de ongeschoeide karmelietessen wel meer dan een eeuw uit Mechelen zouden verdwijnen. In 1845 kocht de orde van theresianen gronden met het oog op een nieuwe Mechels klooster, afgebakend door Adegemstraat in het westen, Kaardenstraat in het noorden en Dijle in het oosten. Het oudst gekende bouwwerk op die gronden dateerde uit de 15e eeuw, het "Hof van Vlaanderen", dat uitgaf op de nu verdwenen Vlaanderenstraat die de Kaardenstraat met de Adegemplaats verbond. Dit hof werd eind 15e eeuw uitgebreid tot aan de oever van de Dijle. Het Hof van Vlaanderen kwam in het begin van de 16e eeuw in bezit van Arnold van Diest, die het in 1520 aan keizer Karel verkocht die er een arsenaal voor artillerie liet inrichten en daartoe twee parallelle dwarsvleugels liet bijbouwen tot aan de Dijle. Na de Eerste Coalitieoorlog werd het voormalige keizerlijke artilleriearsenaal als nationaal goed verkocht en afgebroken. De theresianen bouwden hun nieuwe klooster op de site en in 1850 kon het klooster aan de Adegemstraat in gebruik genomen worden. Het bouwwerk omvat vier vleugels gerangschikt rondom een rechthoekige binnenplaats. Het werd in 1870 afgewerkt met de inwijding van de kloosterkerk. Deze éénbeukige neoclassicistische kloosterkerk vormt de zuidelijke vleugel van het klooster. De kerk is opgebouwd met vijf traveeën, verlicht door spitsboogvormige vensters met een rechthoekig afgesloten koor. Van 1850 verbleven zusters van de theresianen in het slotklooster. De dalende intredes maakte het onvermijdelijk dat de orde het klooster te Mechelen diende te sluiten in 1990. In 1999 werd het voormalig klooster aangekocht door Katoen Natie van Fernand Huts. Het hoofdkantoor van afvalverwerker Indaver werd na de overname door Katoen Natie in 2015 in 2016 in het Mechelse Karmelietessenklooster gevestigd. Ook Buvetex, een andere dochtermaatschappij van Katoen Natie is er gevestigd. In 2024 kondigde Karine Huts, echtgenote van Fernand Huts, plannen aan voor de inrichting van een museum rond Latijns-Amerikaanse kunst, of andere kunstwerken van The Phoebus Foundation, naast andere culturele functies in het voormalig klooster toe te voegen aan de bestaande kantoorfunctionaliteit als vestiging van Indaver. Een bezoek van het echtpaar in 2022 aan het cultureel centrum Les Franciscaines in de Franse badplaats Deauville vormde de inspiratie voor het project. Ook in Deaville kreeg een negentiende-eeuwse kloosterarchitectuur een hedendaagse invulling. Dezelfde architect die het project in Deauville realiseerde, verklaarde zich ook bereid het klooster in Mechelen aan te pakken. Alain Moatti van Moatti & Rivière, een internationaal gereputeerd architectenbureau uit Parijs werkte naast het centrum in Deauville eerder aan onder meer de Cité internationale de la dentelle et de la mode de Calais, de inrichting van de eerste verdieping van de Eiffeltoren en l'Hôtel de la Marine op de Place de la Concorde. De rechthoekige kloostertuin zou met een glazen overkapping ruimte bieden voor exposities of conferenties. Maar ook ruimte voor artists in residence, horeca en een auditorium dat in de kapel kan komen, worden als opties voorgesteld. De kloostertuin grenzend aan Dijle wordt vernieuwd en blijft publiek toegankelijk. De stad Mechelen gaf reeds toestemming voor de basisprincipes van het project, die verder gevalideerd en goedgekeurd moeten worden door de stedenbouwkundige diensten van de stad en het Vlaams Agentschap Onroerend Erfgoed.