place

VV Zwanenburg

Amateurvoetbalclub in Noord-HollandSportvereniging in Haarlemmermeer

VV Zwanenburg is een amateurvoetbalvereniging uit Zwanenburg, gemeente Haarlemmermeer, Noord-Holland, Nederland.

Fragment uit het Wikipedia-artikel VV Zwanenburg (Licentie: CC BY-SA 3.0, Auteurs).

VV Zwanenburg
Wilgenlaan, Haarlemmermeer

Geografische coördinaten (GPS) Adres Nabijgelegen plaatsen
placeToon op kaart

Wikipedia: VV ZwanenburgLees verder op Wikipedia

Geografische coördinaten (GPS)

Breedte Lengte
N 52.371655555556 ° E 4.7534527777778 °
placeToon op kaart

Adres

Sportcomplex vv Zwanenburg

Wilgenlaan
1161 JK Haarlemmermeer
Noord-Holland, Nederland
mapOpenen op Google Maps

Ervaringen delen

Nabijgelegen plaatsen

Fietsbrug Zwanenburg
Fietsbrug Zwanenburg

De Fietsbrug Zwanenburg is een basculebrug in Zwanenburg in de Nederlandse gemeente Haarlemmermeer. De brug overspant de Ringvaart van de Haarlemmermeerpolder en verbindt de Lijnderdijk in Zwanenburg met de Raasdorperweg in Tuinen van West, Osdorp, Amsterdam. De brug werd gebouwd in opdracht van de Dienst Landelijk Gebied, die hiermee een verbinding wilde realiseren tussen Zwanenburg en Amsterdam Nieuw-West. De brug werd al genoemd in de plannen voor Park Zwanenburg in 2008, de kosten werden toen begroot op 1,1 miljoen euro, met bijdragen van het rijk (50%), de provincie Noord-Holland (30%) en Stadsdeel Osdorp/Haarlemmermeer (beide 10%). Ze werd uiteindelijk tussen mei 2011 en mei 2012 gebouwd met steun van het Europese Fonds voor Regionale Ontwikkeling van de Europese Commissie. Zij is grotendeels van gewapend beton (paalfundering, landhoofden, machinekelder, etc.). Het val is van staal. In eerste instantie werd nog gedacht aan een ophaalbrug, maar de eis voor de doorvaartbreedte alhier was minimaal 11 meter; hetgeen een ophaalbrug hier niet mogelijk maakte, men koos voor de basculebrug. De beheerder van de brug is het Recreatieschap Spaarnwoude, dat Park Zwanenburg ook in beheer heeft. Voor de aanleg moest de gemeente Amsterdam een strookje oever van de Ringvaart overdragen. De fietsbrug vormt een onderdeel van een fietsroute tussen Amsterdam en de kust. Tevens hoopte men dat de brug een veilige route zou worden voor kinderen uit Osdorp die in Zwanenburg naar school gaan. Aan weerszijden van de brug staat remmingswerk. Driehonderd meter zuidelijk van de fietsbrug ligt over de ringvaart een zeer lang viaduct/brug ten behoeve van de Rijksweg 5.

Ringvaartbrug A5
Ringvaartbrug A5

De Ringvaartbrug A5, aangeduid als Kunstwerk 511, is een kunstwerk in de provincie Noord-Holland. Het bouwwerk is gelegen in de Rijksweg 5 / Westrandweg en voert over de Ringvaart van de Haarlemmermeer. Het architectenbureau Zwarts & Jansma Architecten was verantwoordelijk voor het ontwerp van deze rijksweg en al haar kunstwerken. De weg werd met het oog op de landelijke gebieden als een lange "natuurlijke" sliert uitgevoerd. Over de aanleg werd jarenlang geprocedeerd tot aan de Raad van State aan toe. In 2009 werd het startsein gegeven en begon Rijkswaterstaat met het aanleggen van het gedeelte tussen de Rijksweg 9 en de Tweede Coentunnel. In dat traject werden twee opmerkelijk kunstwerken opgenomen, de brug over de Ringvaart en een 3,3 kilometer lang viaduct langs en boven de Amsterdamse Basisweg. Omdat er maar een beperkt aantal brugpijlers mogelijk waren in dit gat in het dijklichaam waarop de weg ligt, moest er gebruik gemaakt worden van extreem lange liggers. Voor deze kokerliggerbrug ontwikkelde Spanbeton uit Koudekerk aan den Rijn een nieuwe kokerligger die zijn aanduidde als PIQ, ze is aan de onderzijde voorzien van flenzen. Voor de brug waren tientallen liggers nodig met elk een gewicht van circa 155.000 kilogram. De benodigde maximale lengte was 61,75 per ligger; 3 meter langer dan de tot dan toe langste betonliggers in de brug over het Van Starkenborghkanaal bij Groningen. Behalve dat er gebruik gemaakt werd van lange liggers, was ook de aanvoer van de liggers bijzonder. Zij werden vanuit Koudekerk aangevoerd met diepladers met daarachter een lorry. Eenmaal aangekomen bij de bouwput werd de lorry de leider in het transport; de dieplader reed er achteruit achteraan. De lorry reed vervolgens op een ponton in de vaart. De liggers werden door middel van twee hijskranen naar hun ligplaats gebracht. De lengte van het viaduct werd mede bepaald door wat onder het viaduct kwam te liggen. De Westrandweg nadert de Ringvaart Haarlemmermeer vanuit het noorden in een scherpe hoek. De snelweg staat met haar oostelijk landhoofd in de Osdorper Binnenpolder, waar ecologische waarden gehandhaafd moesten worden. Daarna volgt de oostelijke dijk van de ringvaart met fietspad. In totaal zijn daar vier overspanningen van elk circa 40 meter. Dan volgt de overspanning van 60 meter van de ringvaart. Aan de westzijde volgt de circa 30 meter lange overspanning van de Lijnderdijk, de westelijke dijk van de ringvaart. Daarna volgt nog een overspanning van circa 30 meter over een grasland tot aan het westelijk landhoofd in de Haarlemmermeerpolder.

Brug Halfweg
Brug Halfweg

De Brug Halfweg is een ophaalbrug over de Ringvaart van de Haarlemmermeerpolder, die de Oranje Nassaustraat in Halfweg verbindt met de Dennenlaan in Zwanenburg. De brug werd gerealiseerd in 1949 en betreft de oudste nog bestaande verbinding tussen de twee dorpen. Langs het water van de Ringvaart loopt aan de Zwanenburgse kant van de brug de Zwanenburgerdijk. De eerste brug over de Ringvaart bij Zwanenburg, een draaibrug, werd geopend in 1913. Deze lag een stuk westelijker, nabij het Stoomgemaal Halfweg. Een moderne brug werd eind jaren dertig van de 20e eeuw gepland. Al in 1940 werd er over gesproken de ophaalbrug te bouwen, maar de Tweede Wereldoorlog hield de zaak op. Er was wel aanbesteed in 1941, maar er was ten tijde van het begin van de geplande bouw onvoldoende geld en materialen voorhanden, Duitsland vorderde immers alles wat van metaal was in. In 1946 pakte men de draad weer op, de brug werd vermoedelijk in 1947/1948 geopend en kreeg de bijnaam De Nieuwe Brug. De brug heeft een te openen gedeelte in het midden bij het brugwachtershuisje. De slagbomen bevinden zich echter aan het begin en het einde van het vaste gedeelte van de brug. Bij een geopende brug moet het verkeer vanuit de Dennenlaan dan ook voor de Zwanenburgerdijk wachten. Rond 1970 waren er wensen vanuit de bevolking van beide dorpen de brug te verbreden. Het verkeer was met name in de suikerbietenoogsttijd te druk. Men zag echter technisch geen mogelijkheden daartoe over te gaan. Door de plaatsing van het brughuisje is uitbreiding slechts naar het westen mogelijk, maar de brug zou daardoor voor wat betreft druk in onbalans raken. Het duurde tot 1998 voordat de veel westelijker gelegen Weerenbrug werd geopend, die vooral voor het vrachtverkeer uit de kernen van Halfweg en Zwanenbrug als vervanging dient.

Raasdorp
Raasdorp

Raasdorp of Raesdorp is een voormalig vrij ambacht en dorp, na 1632 buurtschap, die tussen het Lutkemeer en het Spieringmeer in lag. Het Spieringmeer ging later op in het Haarlemmermeer. Het lag dicht bij Oud Osdorp en ten westen van de huidige Lutkemeerweg. Volgens de kaart uit 1790 van J. de Sauvage en kl.Vis bestond de buurtschap toen uit een aantal huizen, de Bovenmolen en waren er een viertal wegen. De 'Wijsentkade' vormde de noordelijke begrenzing, de 'Raesdorperkade' lag aan de oostkant langs het Lutkemeer. Aan de zuidkant werd de buurtschap begrensd door de 'Nieuwerkerker Leede', een smalle verbinding tussen het Lutkemeer en het Spieringmeer, aan de westkant grensde het Spieringmeer, later Haarlemmermeer. Oorspronkelijk strekte Raasdorp zich verder naar het noordwesten uit richting 'Polanen' (thans Halfweg), maar hier heeft de 'Waterwolf' in de loop der eeuwen veel land weggevreten. Het 'Raesdorperpad' verbond Raesdorp met de Oostdorperwech, hier ligt nu de Raasdorperweg. Het gebied behoort sinds 1921 tot de gemeente Amsterdam, maar het eigendom was eigenlijk al veel eerder verworven. Amsterdam kocht de ambachtsheerlijkheid waartoe Raasdorp behoorde al in 1529 van Reinoud III van Brederode. In vroeger tijden was het een van ouds voornaam dorp en had onder meer een rechtbank met drie schepenen. De inwoners leefden voornamelijk van veeteelt en visserij. In 1632 werd het dorp door een storm en overstroming vrijwel geheel verzwolgen door het Spieringmeer waarna er nog 6 tot 8 huizen overbleven. Uit de restanten van het vrijwel verdronken dorp ontstond later de buurtschap die sinds 1816 behoorde tot de gemeente Sloten. Het langs het Haarlemmermeer gelegen deel van de buurtschap verdween bij de aanleg van de Haarlemmermeerpolder en het restant van de buurtschap verdween na de inpoldering van het Lutkemeer. Bij de aanleg tussen 1840 en 1845 van de Ringvaart van de Haarlemmermeer werd de landtong Raasdorp doorsneden. De zuidwestelijke helft kwam in de nieuwe droogmakerij te liggen, deze is nog steeds te herkennen aan een afwijkende verkaveling. Ook ligt er in de Haarlemmermeer een Raasdorperweg. De noordoostelijke helft werd na de droogmaking van de Lutkemeer in 1865 onderdeel van de nieuwe Lutkemeerpolder en vervolgens uitgeveend. Hier stond tot 1975 langs de Ringvaart ook het stoomgemaal, na 1925 elektrisch gemaal, van de Lutkemeerpolder. De huidige Raasdorperweg, die van de Osdorperweg naar de Ringvaart loopt, is bij een raadsbesluit van 7 mei 1929 vernoemd naar deze buurtschap. Aan de overkant van de Ringvaart in de Haarlemmermeer loopt de Raasdorperweg door en volgt daar de contouren van een landtong die bij de aanleg van de ringdijk doorsneden is. De verkaveling op de voormalige landtong volgt nog die van het oude land. De huidige Westrandweg loopt vlak ten oosten van de Raasdorperweg, ongeveer op de plaats waar vroeger de buurtschap lag. Ondanks dat het Raasdorp is verdwenen bestaat de naam nog steeds echter voor het knooppunt Raasdorp, alhoewel dit zich in de vroegere Haarlemmermeer aan de andere zijde van de Ringvaart bevindt. Op het Osdorpse deel van Raasdorp bevonden zich sinds de jaren zestig slibvelden (met de Slibveldenweg). Voor de aanleg van de Westrandweg werd hier een zanddepot gelegd, dit is in 2017 omgevormd tot een heuvel en een natuurgebiedje met de naam Raesberg.

Zwanenburg (Haarlemmermeer)
Zwanenburg (Haarlemmermeer)

Zwanenburg is een dorp in de gemeente Haarlemmermeer, in de Nederlandse provincie Noord-Holland met (in 2023) 8.035 inwoners. Zwanenburg vormt feitelijk een dubbeldorp met Halfweg, maar Halfweg behoort historisch bij de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude en Zwanenburg bij de gemeente Haarlemmermeer. Sinds de fusie van beide gemeenten per 1 januari 2019 liggen beide dorpen in de gemeente Haarlemmermeer. Het dorp Zwanenburg is in 1913 vernoemd naar Gemeenlandshuis Swanenburg in Halfweg, dat eertijds dienstdeed als gemeenlandshuis van Rijnland. In 1863 werd hierin de suikerfabriek Holland, nog later CSM, gevestigd. De Ringvaart van de Haarlemmermeerpolder scheidt de beide dorpen, die door enkele bruggen worden verbonden. Dit zijn: de brug Halfweg (eigenlijk naamloos) die de dorpskernen verbindt (tussen de Dennenlaan en de Oranje Nassaustraat), de Weerenbrug (tussen de Weerenweg in Zwanenburg West en de Haarlemmerstraatweg) en de Bietenbrug (fietsbrug van de Domineeslaan naar SugarCity). De volgende wijken worden onderscheiden: Zwanenburg Zuid, Zwanenburg Noordoost en Zwanenburg West. Zwanenburg dankt zijn bestaan aan de vestiging van landarbeiders na de drooglegging van Haarlemmermeer. Deze mensen bouwden hun huizen onderaan de dijk op de goedkopere gronden. De ontwikkeling van Zwanenburg is niet los te zien van die van Halfweg. In de jaren na de Eerste Wereldoorlog vond er een uitbreiding plaats van het dorp, en in de jaren 60 werd Zwanenburg nog verder uitgebreid. Zwanenburg ligt onder de aanvliegroute van de Zwanenburgbaan en Polderbaan van de Luchthaven Schiphol. Aan de zuidkant van het dorp is een park van 35 hectare aangelegd, tussen de Ringvaart (Lijnderdijk), Westrandweg, IJweg (N519) en Olmenlaan. Het gebied van het voormalige buitenzwembad vormt de entree vanaf de Lijnderdijk. Park Zwanenburg werd in 2010 geopend.

Onze-Lieve-Vrouw-Geboortekerk (Halfweg)
Onze-Lieve-Vrouw-Geboortekerk (Halfweg)

De Onze-Lieve-Vrouw-Geboortekerk is een rooms-katholieke kerk aan de Doctor Schaepmanstraat 7 in Halfweg. Tot aan 1929 hield de kerk parochie in een kerk midden in de dorpskern, die werd doorsneden door de rijksstraatweg Amsterdam – Haarlem. De kerk werd te klein vanwege een toenemend aantal parochianen, maar de kerk was ook een sta-in-de-weg geworden voor het almaar toenemend verkeer over de weg tussen Amsterdam en Haarlem. Er moest een oplossing gevonden worden. Voor de kerk werd in de omliggende polders (Osdorperpolder) een nieuw terrein gevonden en op 12 december 1927 ging de eerste heipaal de grond in. Architect Jan Kuijt had daartoe een gebouw ontworpen voor 600 gelovigen, dat paste binnen de bouwstijl van de Amsterdamse School. De kerk was driebeukig, geplaatst onder een gebogen/spitsboog dak (paraboolvorm was een liefhebberij van de architect) met op top een sluitsteen. Opvallend is de afwisseling in metselverbanden behoren bij de bouwstijl. De kerktoren met een door natuurstenen consoles ondersteunde metalen spits staat naast de kerk en in de toren zijn allerlei baksteen versieringen aangebracht. De vorm werd wel vergeleken met de geschubde inktzwam. De vierkante torenklokken kennen de typografie van de Amsterdamse School. Conform de bouwstijl zijn er dieprode deuren in gele stijlen en zijn dakgoten geaccentueerd door hun witte kleur. Het zou de enige kerk uit het oeuvre van Jan Kuijt blijven. Andere aandachtspunten van het gebouw zijn de altaarversiering en twaalf apostelramen zijn van de hand van Lambert Lourijsen. Op 3 februari 1929 werd de kerk ingezegend; de kerk was toen nog in staat van afbouw; een behoorlijke vorstperiode had ervoor gezorgd dat er vertraging in de oplevering had plaatsgevonden. Van heinde en ver waren gelovigen gekomen om de inzegening mee te maken, zo ook burgemeester Leonardus Hendrikus Simons. De kerk werd oriëntatiepunt binnen het gebied rondom; de opvallende toren stak boven alles uit. Ook vanuit de voorbijrazende trein is de kerktoren direct te zien. De kerk deed jarenlang dienst, maar maakte aan het eind van de 20e eeuw een tegengestelde beweging mee; de ontkerkelijking had ingezet. Begin 21e eeuw werd dan ook geconstateerd dat de kerk te groot was geworden, ook waren het onderhoud en de kosten daarvan niet meer op te brengen door een steeds kleinere groep parochianen. Er werd gedacht aan sloop en nieuwbouw van de kerk, de kerk was geen gemeentelijk of rijksmonument, alhoewel het Cuypersgenootschap, toen de renovatieplannen bekend werden een poging ondernam om dit alsnog te realiseren. Zij werden in hun ogen echter tegengewerkt door het gemeentebestuur. De markante bouwstijl en toren zorgden ervoor dat de kerk behouden bleef. Om geld vrij te maken werd het omliggende terrein herontwikkeld voor woninggebouw en werd de kerk verkleind; het oostelijk deel verdween; daar kwam woningbouw aan het Wethouder Fijenpad en het Onze Lieve Vrouw Hofje. Nadat de plannen in 2014 en 2015 uitgewerkt waren, werd er van 2016 tot en met 2018 gesloopt en gebouwd. Het begeleidend architectenbureau Kentie & Partners zorgde ervoor dat de omringende nieuwbouw werd uitgevoerd in de stijl van de kerk. In plaats van plaatsen voor 600 bezoekers ontstond een kerk voor maximaal 80 parochianen. De verkleining had tevens tot resultaat dat aanmerkelijk bespaard kon worden op energie- en onderhoudskosten. Door te kiezen voor een modernere inrichting werd de kerk geschikt gemaakt voor ander gebruik. In een stalen dragende constructie werd een kunstwerk van Niek Kemp geïntegreerd. Die dragende constructie volgt min of meer de rondingen van het dak. De laatste viering in de oude kerk was in mei 2016. In juni 2017 werd de vernieuwde kerk heropend.

Kleine Kerk (Halfweg)
Kleine Kerk (Halfweg)

De Kleine Kerk te Halfweg is een kerkgebouw aan de Wilhelminastraat 15 te Halfweg. Deze van oorsprong Nederlands-hervormde kerk kreeg haar bijnaam ter onderscheid ten opzichte van de Grote Kerk aan de Amsterdamsestraatweg. Deze kerk is de opvolger van een kerkgebouw uit 1852 dat in de omgeving van de Suikerfabriek stond, maar gesloopt moest worden in verband met de uitbreiding van en toenemend verkeer op de Rijksstraatweg. Er werd vanaf 9 juli 1924 gebouwd aan een Nederlands Hervormde Kerk (Eerste heipaal; Haarlems Dagblad, 9 juli 1924, pagina 5). Bij de eerstesteenlegging in september 1924 was het adres ook bekend: Emmaplein (Haarlems Dagblad, 18 september 1924, pagina 8). Op 21 mei 1925 kon de kerk ingewijd worden. (Haarlems Dagblad, 22 mei 1925, pagina 6. Het geheel werd ontworpen door architect Anthonie Pieter Smits uit Aerdenhout. Hij kwam met een kruiskerk in traditionele stijl met hier en daar Romaanse elementen. De Kleine kerk werd net als de Onze Lieve Vrouw Geboortekerk aan de rand van de dorpsbebouwing neergezet, maar werd in de loop der jaren ingebouwd door een woonwijk, waarvan alle straatnamen verwijzen naar leden van de koninklijke familie; haar adres werd Wilhelminastraat 15, vernoemd naar Wilhelmina der Nederlanden en staat met haar oostelijke gevel aan de Polanenkade. Het voortbestaan van de Kleine Kerk heeft ze eigenlijk te danken aan die Grote Kerk. Die werd vanwege de ontkerkelijking veel te groot. De twee protestantse gemeenten in de omgeving ("Hervormde Gemeente Houtrijk en Polanen" en de "Gereformeerd Kerk Halfweg/Zwanenburg") fuseerden tot de "Protestantse Gemeente te Halfweg en Zwanenburg" en verkozen de Kleine Kerk tot hun kerkgebouw. Dit betekende indirect het einde van de Grote Kerk. Die werd verkocht en uit de opbrengsten werd een renovatie van de Kleine Kerk bekostigd, die vanaf 2009 tot 2011 duurde. Daarna viel de grote Kerk ten prooi aan de sloophamer; de karakteristieke toren bleef staan.