place

Robert Scottplein

Plein in Amsterdam-West
2022 Robert Scottplein, Asd (5)
2022 Robert Scottplein, Asd (5)

Robert Scottplein is een plein in Amsterdam-West, Robert Scottbuurt. Alhoewel zich hier al jaren een open ruimte tussen de bebouwing bevindt kreeg het plein haar naam pas in 2015. Het plein is ingericht als speelplaats tussen vier gebouwen waarvan er drie een monument zijn: de zuidwand wordt gevormd door de Sint-Josephkerk, Erik de Roodestraat 12-14 (rijksmonument) de westwand wordt gevormd door het ROC aan de Erik de Roodestraat 8 de noordwand wordt gevormd door het Amundsenhofje, een voormalig katholieke school omgebouwd tot woningen vanuit het oosten kijken leerlingen uit het schoolgebouw Robert Scottstraat 28-34 uit op het plein. Reden voor de naamgeving in 2015 was de nieuwe bebouwing aan de noordwand. Hiervoor was het niet mogelijk een adres te geven aan de Amundsenstraat en er werd gekozen voor Robert Scottplein. Die noordwand is dan ook de enige bebouwing die ook daadwerkelijk een adres heeft aan het plein: Robert Scottplein 1-7.

Fragment uit het Wikipedia-artikel Robert Scottplein (Licentie: CC BY-SA 3.0, Auteurs, Beeldmateriaal).

Robert Scottplein
Robert Scottplein, Amsterdam West

Geografische coördinaten (GPS) Adres Nabijgelegen plaatsen
placeToon op kaart

Wikipedia: Robert ScottpleinLees verder op Wikipedia

Geografische coördinaten (GPS)

Breedte Lengte
N 52.373569444444 ° E 4.8456083333333 °
placeToon op kaart

Adres

Robert Scottplein
1056 AS Amsterdam, West
Noord-Holland, Nederland
mapOpenen op Google Maps

2022 Robert Scottplein, Asd (5)
2022 Robert Scottplein, Asd (5)
Ervaringen delen

Nabijgelegen plaatsen

Amundsenhofje
Amundsenhofje

Het Amundsenhofje is een hofje in Amsterdam-West. Architect Johannes Martinus van Hardeveld ontwierp voor de Amundsenweg, vernoemd naar poolreiziger Roald Amundsen, in de Robert Scottbuurt een viertal stroken portiekwoningen die dwars op de straat kwamen te staan. Het is dan 1949. Niet veel later werd er gebouwd aan een Rooms-Katholieke enclave in de stad Amsterdam. Er kwam ten zuiden van die weg bijvoorbeeld de Sint-Josephkerk en de bijbehorende pastorie en klooster aan Robert Scottstraat 7. In 1950 werd er een nieuwe gevelwand geschapen aan de zuidkant van de weg. Op een paalfundering kwam als bouwpakket een Finse school. Vanaf circa 1960 worden die terreinen van elkaar gescheiden door een zuidelijke gevelwand aan de Amundsenweg huisnummer 1, de Finse school was tijdelijk. Er kwam in de trant van de Bossche School een ontwerp van architectenduo Evers en Sarlemijn een gangschool, een kleuterschool met één ingang van waaruit een gang naar de klaslokalen leidde. Het kreeg een dichte noordgevel en een open zuidgevel, leidend tot een speelplaats. De zogenaamde Amundsenschool verliet in de jaren zeventig bij een gewijzigde bevolkingssamenstelling in de wijk de school. De nieuwe gebruiker was de Fatima kleuterschool en later een school voor speciaal onderwijs: de Alphons Laudrychool (Laudry was hoofdredacteur van het katholieke blad De Tijd). In de jaren nul van de 21e eeuw kwam er een dependance van een islamitische school. In 2010 trokken er krakers in, die in 2014 zonder ontruiming weer vertrokken. Het oude gebouw was in 2008 nog opgenomen in de lijst Top 100 jonge monumenten, maar werd uiteindelijk geen monument. Het gebouw werd in de verkoop gezet. Een groep kopers kocht het en wilde het als zelfbouwproject (cpo) renoveren en gebruiksklaar maken voor bewoning. Echter, daarvoor was het bouwblokje te klein. Aan Hulshof Architecten met architect Ineke Hulshof werd vervolgens gevraagd het oude deel te renoveren als een ook een nieuw blokje bij te bouwen. Het oude moest grotendeels in monumentale status bewaard worden (het is geen monument). Voor het nieuwe deel moest voor de adressering een apart adres aangemaakt worden: het Robert Scottplein. Door de beide bouwdelen door terreinafscheidingen in dezelfde bouwstijl te verbinden ontstond een hofje. Hulshof maakte door de nieuwbouw een overgang van vlak (plein) en hoogte (bebouwing). Het waren de jaren van opkomende duurzaamheid, dus werden niet meer gebruikte delen van het oude gebouw verwerkt in de renovatie. Bovendien kreeg het een natuurvriendelijk dak met bijvoorbeeld zonnepanelen etc. De plannen uit 2013 werden het jaar daarop omgezet in daden en begin 2015 kon met de renovatie en bouw begonnen worden, waarbij nog asbest uit de oude school verwijderd moest worden. Er trad nog vertraging op toen de nieuwbouw een aanvang nam; op die plek werden heipalen aangetroffen, die op geen enkele tekening of kaart voorkwamen. Om de nieuwbouw te kunnen neerzetten werd tussen de aanwezig fundering een nieuwe fundering geplaatst. Eind 2015 konden de bewoners in de gebouwen trekken. Opvallend is dat beide bouwonderdelen een gevelsteen meekregen. Een artistieke boven de toegangsdeur en een moderne geplaatst in juli 2015.

Robert Scottstraat 28-34
Robert Scottstraat 28-34

Robert Scottstraat 28-34 te Amsterdam is een gebouw aan de Robert Scottstraat in Amsterdam-West. De Robert Scottstraat kent voornamelijk portiekwoningen van rond 1950; de straat had al in 1939 haar naam gekregen maar de Tweede Wereldoorlog hield de bouw op. Dit betekende tevens dat na de oorlog scholen gebouwd moesten worden om de kinderen te onderwijzen. Tussen twee woonblokken met portiekwoningen was ruimte overgelaten voor een schoolgebouw. Het waren echter nog wel de tijd van gescheiden onderwijs van meisjes en jongens. Aan het architectenbureau van Karel Petrus Tholens en Louis Jean George Marie van Steenhardt Carré werd gevraagd een dubbel schoolgebouw te ontwerpen. Tussen alle bakstenen portiekwoningen werd het een opmerkelijke verschijning. Tholens en Steenhardt Carré kwamen met een gebouw uit de stijl Nieuwe Bouwen en functionalisme. Het werd opgeleverd als gangenschool, hetgeen wil zeggen met centrale ingang met lange gangen naar de klaslokalen. Het opvallende aan het gebouw is (behorend bij de stijl) is dat de betonnen dragende constructie zichtbaar is als een frame waarin gevelwanden zijn opgevuld met of baksteen of relatief grote ramen. Het langgerekte gebouw bestaat uit drie bouwlagen. Door op de begane grond de staanders de benadrukken en geen baksteen als bouwmateriaal te gebruiken lijkt het gebouw te zweven, cq licht van gewicht. De trappenhuizen bevinden zich aan de achterzijde van het gebouw, daar waar ook de speelplaats ligt. Er kwamen in de jaren vijftig Rooms-Katholieke scholen in; de Juliaschool (meisjes) en Sint Franciscusschool (jongens), die beide in 1958 nog bezocht werden door koningin Juliana. Aan het eind van de 20e eeuw waren de vele kinderen even verdwenen, maar wijzigde ook de bevolkingssamenstelling van de omliggende straten aanmerkelijk. In 1990 nam Stadsdeel Bos en Lommer het gebouw in gebruik. Het gebouw werd rond 2008 door de gemeente Amsterdam op een lijst gezet van 100 naoorlogse gebouwen die mogelijk in aanmerking zouden kunnen komen voor de status gemeentelijk of rijksmonument. Op 25 juni 2019 kreeg het inderdaad de status van gemeentelijk monument (nr. 200909). In 2022 is in het gebouw de Basisschool De Springplank gevestigd en een van de vestiging van Balletschool De Kattensprong.

Stoere bloemen
Stoere bloemen

Stoere bloemen is een beeldengroep in Amsterdam-West. Het is een gezamenlijk werk naar initiatief van kunstenares Marieke Bolhuis; het was haar eerste opdracht voor werk in de openbare ruimte. Zij kreeg opdracht van de gemeente Amsterdam een veldje aan de Erik de Roodestraat op te fleuren met een artistiek kunstwerk. Zij pleegde overleg met buurtbewoners en schoolkinderen van De Springplank. Het leverde drie ontwerpen op waaronder die voor een pony, maar daar zagen de kinderen niet zoveel in. Workshops en buurtverhalen leverden materiaal op voor deze drie beelden. Het zijn geabstraheerde kinderlichamen, weergegeven in de vorm van bloemen in de knop. Dat laatste verwijst naar de schoolkinderen, die nog vanuit de kleurrijke knoppen moeten rijpen. Anderszins zijn de beelden een weerspiegeling van de kleurrijke bewoners (en hun verhalen) van de buurt. De beeldengroep is het resultaat van enkele gesneuvelde kunstprojecten in stadsdelen Amsterdam-West en Amsterdam Nieuw-West, gezamenlijke titel Muren van West. Hierbij werden blinde muren van oude en nieuwe gebouwen voorzien van muurschilderingen. Een aantal verenigingen van eigenaren gaf geen toestemming en zo ontstond een potje, van waaruit dit kunstwerk kon worden betaald. Bolhuis was rond die tijd al bezig met kunst in een combinatie mens en natuur, zoals een centaurvrouw voor Haarlem. Ze werd als kunstschilderes opgeleid aan de Rijksakademie van beeldende kunsten in Amsterdam; haar beelden zijn opmerkelijk kleurrijk geschilderd. De Amsterdamkalender 2024 wijst er nog op dat deze stoere bloemen in een buurt staan, waarvan de straatnamen verwijzen naar “stoere” ontdekkingsreizigers, zoals Erik de Rode en Robert Scott. De bloemenpartij staat in een grasveld voor de Sint-Josephkerk.

De potkachel
De potkachel

De potkachel is een artistiek kunstwerk in Amsterdam-West. Het staat in de middelberm aan het eind van de Jan van Galenstraat alwaar de helling begint met haar kruising met de A10, de rondweg rond Amsterdam. Het kunstvoorwerp in de vorm van een reusachtige potkachel werd op initiatief van buurtbewoners geplaatst, zij vonden de reclameborden die hier voorheen stonden geen goede entree van de buurt. Het kunstwerk werd op 23 april 2010 onthuld. Het duurde vijf jaar voordat het traject initiatief, geld, plaatsing compleet was. Zelfs Ella Vogelaar, destijds Minister voor Wonen, Wijken en Integratie en naamgever van de vogelaarwijken, moesten geld bijleggen. De initiatiefnemers wilden een beeld dat het thuisgevoel en huiselijkheid weergaf, als zij van de rondweg hun wijk binnentraden. Als inspiratiebron werd het studioalbum Home is where the heart is van David Cassidy uit 1976 genomen. De vele nationaliteiten, die in de omliggende wijk wonen, een zogenaamde smeltkroes, worden weergegeven door een wereldkaart in reliëf aangebracht op de potkachel met schoorsteen. Voor de buurt vormt het kunstwerk de tegenhanger of aanvulling van de Opstandingskerk, die gezien haar vorm ook wel de kolenkit wordt genoemd. Anderen zagen er een verwijzing in naar de namen van de openbare ruimten in de omringende wijk; ze zijn vernoemd naar ontdekkingsreizigers, zoals Robert Scott en de Robert Scottstraat. Niet iedereen was even blij met dit kunstvoorwerp. Sommigen kregen er een warm gevoel bij, anderen vonden het weggegooid geld en kitsch. Na oplevering zagen mensen er weer wat anders in, de combinatie van kachel en wereldkaart zou dan verwijzen naar klimaatverandering en/of opwarming van de Aarde. Het Parool van 25 juli 2023 constateerde verder dat de tenaamstelling De potkachel in de nabije toekomst verdere uitleg behoeft; de naam verwijst naar een (benoeming van een) object dat in de 21e eeuw rap in de vergetelheid raakt.

2 U's naar buiten, 2 U's naar binnen
2 U's naar buiten, 2 U's naar binnen

2 U's naar buiten, 2 U's naar binnen is een tweedelig artistiek kunstwerk staande in het Bos en Lommerplantsoen, Amsterdam Oud-West. De omgeving van het Bos en Lommerplein onderging in de periode rond 1960 een gedaantewisseling. Dit werd veroorzaakt door de bouw van het GAK-gebouw, ook wel het aquarium. Het gebouw werd in september 1960 officieel geopend, maar de omgeving was er nog niet op aangepast. De reden daarvoor was dat op het voorterrein nog de Adindastraat en Saïdjastraat lagen met daaraan gevestigd een (nood-)school. Voor dat voorterrein hadden architect Enrico Hartsuyker en tuinarchitecte Mien Ruys al een ontwerp klaar liggen met vijver en pergola, maar Amsterdam had de noodschool nog nodig. In 1963 was het dan zover de school kon gesloopt worden en eindelijk kon het voorterrein ingericht worden. Op de grens van 1963/1964 werd op dat voorterrein een beeldengalerij of beeldenterras ingericht. Bedoeling was dat vanaf 20 maart 1964 (het werd juni) er een wisselende tentoonstelling werd gehouden rondom een aantal beelden die permanent stonden opgesteld. Op foto’s uit dat jaar is 2 U's naar buiten, 2 U's naar binnen te zien, net als een watertafel, Leda en de zwaan van Ben Guntenaar (verplaatst naar Emmaplein en een Nereïde van Nic Jonk (verplaatst naar August Allebéplein). Visser bevond zich voor wat betreft stijl toen in het constructivisme en ging hier aan de slag met U-profielen. Bij de montage van de vlakke U-profielen zijn grove lasnaden te zien ten teken dat er aan deze twee werken hard gewerkt is. De twee stapelingen wijken af; de een heeft een gesloten karakter (openingen in de balken tegenover elkaar) en de ander een open (de bodems van de balken van elkaar af). De bewerkte U-balken staan langs de rand van de vijver. In de vijver staat nog een creatie van Visser; het is een watertafel. Die watertafel wordt gevormd door in wezen platte vlakken die omdat ze loodrecht op elkaar gemonteerd zijn een driedimensionaal beeld vormen. De drie beeldhouwwerken met vijver overleefden een vernieuwingsslag in de jaren 2010/2011 naar ontwerp van landschapsarchitect Niek Roozen.

Saïdja en Adindabrug
Saïdja en Adindabrug

De Saïdja en Adindabrug (brug 162) is een vaste brug in Amsterdam Oud-West. De verkeersbrug is gelegen in de Hoofdweg en overspant de Erasmusgracht. Ze dateert van 1928 (aanbesteding februari 1927, toen nog over het Kattegat), terwijl ze in 1926 al ontworpen was door de bruggenarchitect van de Dienst der Publieke Werken Piet Kramer. De brug is ontworpen in de stijl van de Amsterdamse School, maar dan wel een vroege versie. De invloeden van Jo van der Mey zijn nog te zien in de brugpijlers. Kramer is verantwoordelijk voor de afwisseling van baksteen en natuursteen, ook in de sierlijke siersmeedijzeren balustrades is zijn hand terug te vinden. Tijdens het opleveren van de brug lag ten noorden van de brug open veld met zandweg tot aan het dorp Sloterdijk met als eerste bebouwing een noodschool. De brug werd rijkelijk breed gebouwd, de gemeente zag de Hoofdweg toen als optimale verbinding tussen de Haarlemmerweg en het Olympisch Stadion, de Olympische Zomerspelen 1928 werden in de stad gehouden. Verkeer uit de richting Haarlem kan zo buiten de stad gehouden worden. Het laatste deel tussen Bos en Lommerplein en Haarlemmerweg is er nooit gekomen, niet eerder dan bij de voltooiing van dat deel van de Rijksweg 10, Einsteinweg genaamd. Rond 2006 werd de brug gerenoveerd, samen met andere bruggen rondom het Erasmuspark. De brug kreeg toen ook haar naam, een verwijzing naar het verhaal van Saïdjah en Adinda van Douwes Dekker. De brug bood langere tijd uitzicht op het noordwestelijk van de brug gelegen GAK-gebouw aan het Bos en Lommerplantsoen, ooit een van de grootste kantoorgebouwen van Nederland.