place

Provinciale dijk

Dijk in FrieslandDijk in Groningen (provincie)Geografie van Het HogelandGeografie van Noardeast-Fryslân
Groote Provinciale sluis (binnenzijde)
Groote Provinciale sluis (binnenzijde)

De Provinciale dijk is de officiële naam van de dijk die tussen 1874 en 1876 is aangelegd om het Reitdiep af te sluiten. De 3,7 km lange afsluitdijk is beter bekend als de dijk van Zoutkamp naar de Nittershoek. De dijk werd aangelegd om de afwatering van het Reitdiep beter te reguleren. Door de aanleg van het Eemskanaal tussen 1866 en 1876, had het Reitdiep als vaarverbinding van Groningen met de zee nauwelijks nog enige betekenis, wat de aanleg vergemakkelijkte. In de dijk werden twee afwateringssluizen aangelegd: de Groote Provinciale sluis in het Reitdiep de Friesche sluis in de verlegde Munnekezijlsterried De laatste sluis werd Fries genoemd, omdat deze voornamelijk water spuide dat uit Friesland afkomstig was. Door de aanleg van de dijk ontstonden op de voormalige kwelder vier polders: de Polder Wieringa de Nieuwe Ruigezandsterpolder de Polder van J. Mulder de Noorder Reitdiepspolder Als gevolg van de bouw van het gemaal De Waterwolf in 1920 moest ook de Zuider Reitdiepspolder worden bemalen

Fragment uit het Wikipedia-artikel Provinciale dijk (Licentie: CC BY-SA 3.0, Auteurs, Beeldmateriaal).

Provinciale dijk
Nittersweg, Westerkwartier

Geografische coördinaten (GPS) Adres Nabijgelegen plaatsen
placeToon op kaart

Wikipedia: Provinciale dijkLees verder op Wikipedia

Geografische coördinaten (GPS)

Breedte Lengte
N 53.335736111111 ° E 6.2951083333333 °
placeToon op kaart

Adres

Nittersweg

Nittersweg
9974 RM Westerkwartier
Groningen, Nederland
mapOpenen op Google Maps

Groote Provinciale sluis (binnenzijde)
Groote Provinciale sluis (binnenzijde)
Ervaringen delen

Nabijgelegen plaatsen

Panser (borg)
Panser (borg)

Panser is een voormalige borg in de Nederlandse provincie Groningen. De voormalige borg Panser lag tussen Zoutkamp en Vierhuizen, nabij de vroegere zeedijk. Waarschijnlijk is de naam van de borg ontleend aan de naam van de bewoners. De familienaam Panser kwam al in het begin van de 16e eeuw voor in de omgeving waar de borg gelegen was. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog was Jochem Panser borgheer. Hij streed beurtelings aan de zijde van de geuzen en aan die van de Spanjaarden. In 1581 werden het schathuis en de keuken van Panser door de geuzen verwoest. In de 17e eeuw kwam de borg met bijbehorende landerijen in het bezit van Anna Lewe, erfvrouwe van Asinga. Zij schonk, als eigenaresse van Panser, een torenklok aan de kerk van Vierhuizen. Haar zoon Evert Lewe was, als borgheer van Asinga en Panser, collector van de kerk van Niekerk, die door hem in 1628 en 1629 ingrijpend werd verbouwd. Zijn zoon Abel Coenders erfde vervolgens de borg Panser. Daarna werd de borg verkocht. Onduidelijk is wanneer de borg werd afgebroken. Bij de kerstvloed van 1717 zou er wellicht nog sprake zijn van een borg op deze plaats. Tijdens deze overstroming zou een dienstmeisje aldaar gered zijn van de verdrinkingsdood:By Ulrum, op de Panster, was een Meyd agter in 't huis en rieds in 't water,dog hier had het waater geen plaats voor deese Meyddies smeet een golf derselver op een losse Koe,die met de Meyd naa 't binnen huus stapte,in 't welk de een soowel als de andere wierd behouden. De rechten die behoorden bij het bezit van de borg bleven tot 1806 in handen van de aan de Lewes verwante familie Van In- en Kniphuisen. Op de plaats van het vroegere borgterrein is een boerderij gebouwd, die eveneens Panser wordt genoemd evenals de buurtschap waar de boerderij is gelegen. (zie afbeelding).

Midhalm

Midhalm of Midhallum is een gehucht in de gemeente Het Hogeland in de provincie Groningen. Het ligt aan het einde van een doodlopende weg ten zuiden van Vierhuizen. Ten zuiden liggen de wierden Oosterhalm en Panser, ten oosten de wierde Beusum en ten westen de Panserpolder. Midhalm bestaat uit twee boerderijen, die allebei Midhalm heten. Beide boerderijen staan aan zuidoostzijde van een afgegraven wierde die gedateerd wordt op het begin van de jaartelling. Aan oostzijde van Midhalm lag vroeger een dobbe, die tegenwoordig gedempt is. De wierde is aan westzijde deels opgenomen in het dijklichaam van de oude Zuiderdijk van de Marne, die in de 13e eeuw over een oude kwelderrug werd aangelegd via Zuurdijk naar Barnegaten. De wierde bestaat uit een ooster- en een westerhoogte, waartussen vroeger mogelijk een watertje stroomde. De naam Midhalm verwijst naar de locatie van beide boerderijen; te midden van twee 'holmen' ("hoogten" of "heuvels"). Omdat er geen wierde Westerhalm bekend is, wordt vermoed door Acker Stratingh en Andreae dat deze verzwolgen moet zijn door de Lauwerszee. Volgens Westerhoff zou dit voor de aanleg van de Zuiderdijk moeten zijn gebeurd, dus in de vroege 13e eeuw of eerder. Volgens Andreae werden er in de eerste helft van de 18e eeuw uit zoden en turf opgebouwde putten en andere sporen van bewoning zijn gevonden op het wad (zie ook Maddenze). In de Westpolder werd later een boerderij 'Westerhalm' vernoemd naar de vermoedelijk verdwenen wierde. In de wierde zijn laatmiddeleeuwse scherven en sporen van kloostermoppen aangetroffen. Welke van beide boerderijen de oudste is, is niet te zeggen. Bij de Slag om Zoutkamp in 1589 werd een van beide boerderijen platgebrand, maar weer herbouwd. De noordelijke boerderij heeft de oudste gebouwen. De zuidelijke schuur daarvan draagt muurankers met het jaartal 1771 en is verlengd in 1864. De noordelijke schuur is van 1889 en werd verbreed in 1986. Een derde schuur verrees rond 2010. Het woonhuis werd in 1907 gebouwd naar een ontwerp van G. Havinga uit Den Hoorn. De zuidelijke boerderij is van 1878. In 1986 is er een aardappelloods bijgebouwd.