place

EPO-gebouw (Rijswijk)

Bouwwerk in Rijswijk
EPO Rijswijk 1
EPO Rijswijk 1

Het EPO-gebouw in de Nederlandsee gemeente Rijswijk is de huisvesting van het Europees Octrooibureau (EOB) (Engels: European Patent Office (EPO)), en werd in de huidige vorm opgeleverd in 2018. Het gebouw is gebouwd in eigen beheer en wordt uit bijdragen van de deelnemende landen bekostigd, en is het hoogste gebouw in Rijswijk.

Fragment uit het Wikipedia-artikel EPO-gebouw (Rijswijk) (Licentie: CC BY-SA 3.0, Auteurs, Beeldmateriaal).

EPO-gebouw (Rijswijk)
de Bruyn Kopsstraat, Rijswijk

Geografische coördinaten (GPS) Adres Nabijgelegen plaatsen
placeToon op kaart

Wikipedia: EPO-gebouw (Rijswijk)Lees verder op Wikipedia

Geografische coördinaten (GPS)

Breedte Lengte
N 52.04075 ° E 4.3384166666667 °
placeToon op kaart

Adres

Guest Visitors Parking

de Bruyn Kopsstraat
2288 BH Rijswijk
Zuid-Holland, Nederland
mapOpenen op Google Maps

EPO Rijswijk 1
EPO Rijswijk 1
Ervaringen delen

Nabijgelegen plaatsen

Haven van Rijswijk
Haven van Rijswijk

De haven van Rijswijk is een haven in de Nederlandse plaats Rijswijk (Zuid-Holland). Deze haven ligt tussen de Plaspoelpolder, de Delftse Vliet en de meest zuidelijk gelegen woningbouw van 'Oud Rijswijk'. Geografisch behoort het havengebied tot de Plaspoelpolder (Rijswijk - Wijk 08 - Buurt 81 Plaspoelpolder). De haven is tijdens de crisisjaren van de 20e eeuw met de hand gegraven als werkverschaffingsproject voor werkloze Rijswijkers en werd opgeleverd in 1937. De haven was verdeeld in drie delen: de Houthaven met een lengte van 155 meter, de kortere Industriehaven en een kleine zijhaven van de Houthaven. Omdat de haven bereikbaar en diep genoeg was voor kleine zeeschepen, zoals coasters, kreeg zij het predicaat van zeehaven. De Houthaven met de zijhaven deden vanaf 1953 dienst als aanvoerhaven voor bewerkt hout dat bij de Nehim werd opgeslagen en verhandeld, de Industriehaven voor steenkool, zand, grind en mest, dat in vrachtwagens werd overgeladen en verder de regio in werd getransporteerd. Tot 1956 werd olie, afkomstig van de NAM-oliewinning in de Hoekpolder, overgeladen in lichters, die voor verder transport naar de olieraffinaderij in Pernis zorgden. Bij de bouw van de bedrijven in het Industrieschap De Plaspoelpolder werd de haven gebruikt voor de aanvoer van grote objecten, zoals stookinstallaties en bouwmaterialen. Rond de haven lag een klein industrieterrein met bedrijven, zoals een schrootverwerkingsbedrijf, een betoncentrale, een kaarsenfabriek, de fabriek van Indola (kappersbenodigheden). Tot 2000 was het gebied een industrieterrein. Langs de haven is in 2006 het nieuwbouwproject Vliethaven gerealiseerd op de plek waar de voormalige gemeentewerf was gesitueerd. De Steenplaetsbrug geeft toegang tot de haven.

Plaspoelpolder
Plaspoelpolder

Plaspoelpolder is een grote kantorenwijk in de gemeente Rijswijk, in de Nederlandse provincie Zuid-Holland. De wijk is genoemd naar het voormalige waterschap en polder De Plaspoelpolder. Er zijn ruim 350 bedrijven gehuisvest, die samen werk bieden aan meer dan 14.000 personen. Ten zuiden van het gebied ligt op loopafstand het park Elsenburgerbos. Het bedrijventerrein Plaspoelpolder is een samenwerkingsverband van de gemeenten Rijswijk en Den Haag en is ontstaan in 1953. De oprichting van het Industrieschap Plaspoelpolder was een initiatief van de toenmalige burgemeester van Rijswijk, drs. A. Th. Bogaardt. Hiermee trachtte hij, met succes, de annexatiedrift van de gemeente Den Haag in te dammen. Destijds was al afgesproken dat er alleen "schone" industrie welkom was. In 1953 vestigde zich de eerste onderneming Indola, gevolgd door de Nederlandse Houtimport Maatschappij (NEHIM), de kaarsenfabriek Beuger, en vervolgens in het nieuwere deel: melkfabriek Van Grieken (Rotatormelk), die van de Loosduinseweg in Den Haag af kwam en later samen zou gaan met Menken-Landbouw (Torenmelk) te Wassenaar als Menken van Grieken, en die later in Campina zou overgaan. In de jaren erna volgden mondjesmaat andere ondernemingen, zoals N.V. Fabriek van Apparaten en Werktuigen J. Duiker, drankenfabriek Martini, autobandenbedrijf Henze, platenperserij CNR, Opnamestudio en platenbedrijf Polydor. Tussen 1957 en 1960 vestigden elf ondernemingen zich op het bedrijventerrein. De komst van het onderzoeksinstituut KSEPL van Shell in 1962 bleek als een katalysator te werken voor het terrein. Niet veel later volgden ondernemingen zoals Philips, Agfa, Martini, het Europees Octrooibureau, het ANP, het Rijksbedrijvencentrum en beveiligingsbedrijf Securitas. De kantorenwijk is bereikbaar door een directe verkeersontsluiting met de A4 en sinds 1999 tramlijn 17. Het tijdschrift Elsevier riep het bedrijventerrein in 2005 uit tot het best bereikbare bedrijventerrein van Nederland.Het is ook bereikbaar met EBS-bus 30 en 53. Daarnaast ligt het op loopafstand van NS-station Rijswijk, waar ook diverse buslijnen komen, en tram 17.

Huis te Hoorn
Huis te Hoorn

Huis te Hoorn was een buitenplaats in de Nederlandse plaats Rijswijk (provincie Zuid-Holland). Het Huis te Hoorn is waarschijnlijk in de 16e eeuw gebouwd; het komt in ieder geval voor de eerste keer voor op een kaart van Delfland uit 1606. Het landgoed lag aan de Delftse Vliet ten zuiden van de Hoornbrug. Het huis lag ten zuiden van de Vliet, aan de huidige Thierenskade en Sir Winston Churchilllaan. Het had één verdieping en een opvallende achtkantige toren met een peervormige spits, waartegen vier wijzerplaten waren bevestigd. Op de spits stond een vaantje in de vorm van een windhoorn. Jhr. mr. Adrianus van der Straten (1789-1857), lid van de familie Van der Straten, moderniseerde het huis in 1844, en bouwde een tweede verdieping. Huis te Hoorn is door de eeuwen heen niet verbonden geweest aan een bepaalde familie; het goed wisselde gedurende zijn bestaan frequent van eigenaar. Waarschijnlijk werd er als gevolg daarvan slecht onderhoud gepleegd, en raakte het in de negentiende eeuw in verval. In het begin van de twintigste eeuw werd er op het terrein een kurkfabriek gebouwd, en vervolgens werd door de Nederlandse landmacht een hondenbrigade in het huis gelegerd. In de Tweede Wereldoorlog was het huis in een dermate vervallen staat geraakt dat het niet meer betreden mocht worden, en na de oorlog was er geen geld meer beschikbaar om het huis te restaureren. Het werd daarom in 1951 afgebroken. Alleen een ijzeren toegangshek is bewaard gebleven. Dat wordt nu gebruikt in de Nobelaerstraat in Rijswijk.