place

Jeroen Oerlemansbrug

Bouwwerk van Piet KramerBrug in Amsterdam-Zuid
Brug 422, overspanning1
Brug 422, overspanning1

Jeroen Oerlemansbrug (brug 422) is een vaste brug in Amsterdam-Zuid. Ze overspant de Boerenwetering. De verkeersbrug vormt de verbinding tussen de Diepenbrockstraat en de Wielingenstraat in de stadsroute 109. Het zuidwestelijke landhoofd is gelegen in het Beatrixpark, het zuidoostelijk deel ligt net niet op het terrein van de RAI.

Fragment uit het Wikipedia-artikel Jeroen Oerlemansbrug (Licentie: CC BY-SA 3.0, Auteurs, Beeldmateriaal).

Jeroen Oerlemansbrug
Wielingenstraat, Amsterdam Zuid

Geografische coördinaten (GPS) Adres Nabijgelegen plaatsen
placeToon op kaart

Wikipedia: Jeroen OerlemansbrugLees verder op Wikipedia

Geografische coördinaten (GPS)

Breedte Lengte
N 52.344491666667 ° E 4.8857722222222 °
placeToon op kaart

Adres

Jeroen Oerlemansbrug

Wielingenstraat
1078 KL Amsterdam, Zuid
Noord-Holland, Nederland
mapOpenen op Google Maps

Brug 422, overspanning1
Brug 422, overspanning1
Ervaringen delen

Nabijgelegen plaatsen

Zuiderpark (Amsterdam)
Zuiderpark (Amsterdam)

Het Zuiderpark is een voormalig park in Amsterdam-Zuid. Amsterdam kent in de 21e eeuw nog steeds een Westerpark, Noorderpark en Oosterpark. De parken kwamen steeds in de jaren van stadsuitbreidingen. Datzelfde gold voor het Zuiderpark. Het verschijnt als zodanig voor het eerst op de stadskaarten van rond 1936, wanneer de stadsbebouwing eindigt bij het Scheldeplein/Westerscheldeplein en de naar het westen lopende Wielingenstraat. Ten zuiden daarvan begint een uitgestrekt agrarisch gebied. Op die voormalige landbouw- en veeteeltgronden werd een driehoekig park aangelegd met een centraal gelegen vijver en zandbak, afgeschermd door een pergola. Zij werd begrensd door de rechthoek van Wielingenstraat (noord) en het zuidelijk deel van de Haringvlietstraat (west). De oostkant werd diagonaal geplaatst vanaf Scheldeplein zuidwestwaarts tot ongeveer waar de Rijksweg 10 de Boerenwetering oversteekt. Aan de andere zijde van de Boerenwetering werd eveneens een park geprojecteerd, het Diepenbrockpark, dat in 1938 de naam Beatrixpark kreeg. De naam Zuiderpark verdween langzaam, het werd gezien als onderdeel van het Beatrixpark. Eind jaren vijftig verdween het park onder het bouwterrein voor RAI Amsterdam. In het landschap is er niets meer van terug te vinden, net zoals de weg die langs de diagonaal liep en de zuidelijke helft van de Haringvlietstraat. Alles verdween ten faveure van het evenementengebouw. Een overblijfsel van het park is het beeld De lente van Fred Carasso in opdracht van Gemeente Amsterdam speciaal voor het park gemaakt.

Pinguïns (Jan Trapman)
Pinguïns (Jan Trapman)

Pinguïns in een kunstwerk van Jan Trapman in Amsterdam-Zuid. Trapman was een van de kunstenaars die in de crisisjaren van rond 1930 opdrachten kreeg van de gemeente Amsterdam voor het leveren van beelden tegen een vergoeding om in het levensonderhoud te kunnen blijven voorzien. Zo maakte hij de Tijger en Beer voor de borstwering tussen de Vierwindstrekenbrug en het Erasmuspark. Het is waarschijnlijk de bedoeling geweest ook deze pinguïns rondom de brug te plaatsen maar in de stukken van de Dienst der Publieke Werken, verantwoordelijk voor de brug, is er niets van terug te vinden (de tijger en beer overigens wel). Wel is terug te vinden dat deze dienst in 1941 een ontwerp heeft gemaakt voor de sokkel van de pinguïns voor plaatsing in het Beatrixpark, al zij het met een plaatsing op een iets andere plek. De tekening daarvan zit in dezelfde map van het ontwerp van de ondergrond voor het beeld Meermin van Leo Braat. Trapman beeldde diverse soorten pinguïns af, die normaliter nooit bij elkaar zouden staan. Bovendien beeldde hij de pinguïns allemaal in dezelfde hoogte af, terwijl in de natuur de diverse soorten pinguïns variëren in grootte. Een van de vogels loopt daardoor met een gebogen nek. Het beeld is voorzien van het monogram van de beeldhouwer, een cirkel met de letters JTR. De sokkel van 120 cm hoogte, waarvan een groot deel onder water, bestaat uit geelbruine bakstenen die in een soort Amsterdamse Schoolstijl zijn gemetseld.

Johnny & Jonesbrug
Johnny & Jonesbrug

De Johnny & Jonesbrug (brug 433) is een vaste brug in de Prinses Irenebuurt in Amsterdam-Zuid. De voetgangersbrug is gelegen over de toegang tot de cirkelvormige centrale grote vijver van het Beatrixpark. Het is gelegen naast de “vaste plantentuin”. In de directe omgeving staat het beeld Pinguïns van Jan Trapman. Het park dateert uit de periode 1936-1938 toen het werd aangelegd volgens een plan van Ko Mulder, architecte bij de Dienst der Publieke Werken. De brug is echter van aanmerkelijke jongere datum, ze dateert uit 1970/1971. Ze is vermoedelijk aangelegd vanwege de Floriade die in 1972 in dit park werd gehouden. Door middel van de brug kon het publiek geheel rond de grote ijver met fontein lopen. De brug overspant de toegang zonder jukken of pijlers en is grotendeels van hout. Het ontwerp is vermoedelijk afkomstig van de Publieke Werken. De brug ging vanaf het begin naamloos door het leven, dat wil zeggen alleen met nummer 433. De gemeente Amsterdam vroeg in 2016 aan de Amsterdamse bevolking om mogelijke namen voor dergelijke bruggen. Veel inzendingen werden niet gehonoreerd, maar deze brug kreeg de naam Johnny & Jonesbrug. Het is een vernoeming naar het duo Johnny & Jones, een befaamd jazzduo van vlak voor de Tweede Wereldoorlog, maar vanwege uitputting gestorven in concentratiekamp Bergen-Belsen. In het park zijn meerdere bruggen vernoemd naar musici. Brugnummer 433 was al eerder gegeven aan een duiker in de Beemsterstraat over een ringsloot naar de Watergangsestraat in Amsterdam-Noord. Het is onbekend of die duiker nog actief is.

De onbevangenheid der mensen tegenover het leven
De onbevangenheid der mensen tegenover het leven

De onbevangenheid der mensen tegenover het leven is een artistiek kunstwerk in Amsterdam-Zuid. Het beeld uit 1932 is een schepping van Hildo Krop en staat op/naast het westelijk landhoofd van de Kinderbrug tussen Muzenplein en de Churchill-laan. Het maakt al dan niet deel uit van een verzameling beeldhouwwerken die hier in een parkje staan. Omdat Krop als stadsbeeldhouwer een groot overwicht kreeg binnen de beelden in de stad, begonnen collegakunstenaars te morren. De verzameling beeldhouwwerkjes werd dan ook door diverse kunstenaars gemaakt, maar De onbevangenheid is zonder meer de grootste en opvallendste. De meeste beelden staan namelijk achteraf in een parkje terwijl De onbevangenheid op een tien meter hoog voetstuk staat, hoog boven het maaiveld. Overigens zijn op de brug nog twee beelden van Krop te zien, een jongen met konijnen en een meisje met eekhoorns zijn verwerkt in dekstenen van de brug. De drie beelden zijn geïntegreerd in de brug ontworpen door Piet Kramer van de Dienst der Publieke Werken, die veelvuldig heeft samengewerkt om Krop (en andersom). Het beeld maakt deel uit van het rijksmonument, dat de brug is. Het voetstuk draagt een steigerend paard met tussen de van de grond gelichte voorpoten een staand kind. Dat kind was Hedda van Gennep (1929-2017), later documentairemaakster, waarvan de ouders bevriend waren met Krop. Zij moest altijd glimlachen als ze er langs fietste of liep. Het voetstuk loopt naar beneden via het landhoofd door tot (of tot onder) het wateroppervlak. Net boven het watervlak is een tweede beeldje te zien; een weergave van een roepende drenkeling. Het beeld inspireerde de dichter Eric Menkveld tot het gedicht Meisje en paard uit 1932. Fotograaf Karel Kleijn legde het beeld in de jaren na oplevering (geschat 1935-1937) vast. Rond die tijd legde ook Carel Blazer het beeld vast. Beide foto’s bevinden zich in de collectie van het Stedelijk Museum Amsterdam.

Muzenplein
Muzenplein

Het Muzenplein is een plein in Amsterdam-Zuid. Het plein past een gezamenlijk ontwerp van Hendrik Petrus Berlage en Piet Kramer voor de stadsontwikkeling van die wijk. Kramer had voor dit plein nog een klein plantsoen voor ogen, of dat er gekomen is, is onbekend. Het plein is eigenlijk een T-kruising. Het plein ligt ten zuiden van het punt waar de Boerenwetering het Amstelkanaal kruist dat aan de westkant zich splitst in het Noorder Amstelkanaal en het Zuider Amstelkanaal. Hierdoor bevindt zich ten noorden van het plein een vijfsprong van grachten, bekend als De Kom. Het plein zelf vormt de overgang tussen de Churchill-laan via de Kinderbrug in het oosten en de Apollolaan via de Hildo Kropbrug in het westen. Vanuit het zuiden komt de Herman Heijermansweg (op de ontwerptekening nog Parnassuskade geheten) op het plein uit. Tegenover de noordwestzijde van het plein bevinden zich de Apollohal en het Apollo Hotel. Het plein is bij een raadsbesluit van 30 september 1931 vernoemd naar de Muzen, in de Griekse mythologie de dochters van Zeus en de godinnen der kunsten en wetenschappen. Echter, de naam werd al eerder gebruikt. In de routebeschrijving van de marathon van de Olympische Spelen van 1928 komt de naam Muzenplein al voor. Aan de noordoostzijde bevindt zich verdiept een klein rosarium (Kinderhof) met een aantal bankjes met uitzicht op de Kom. De oever van dat parkje met De Kom wordt opgeluisterd door een negental beelden. In eerste instantie wilde de stad Hildo Krop hiervoor inschakelen, maar andere kunstenaars maakten bezwaar. Zij vonden de positie van Krop haast een monopoliepositie. Er kwam vervolgens een negental beelden van verschillende kunstenaars: Een kind met vis op de schouders van Marinus Vreugde Een meisje met bal van Hubert van Lith Een meisje met een kat op haar schouder van Louise Beijerman Een meisje met een kat en een vogel van Frits van Hall Een meisje met poppen van Willem IJzerdraat Een meisje met lam van Frans Werner Een meisje met een slakkenhuis van Theo Vos Een meisje met een hondje van Jaap Kaas Een kind met een bizonkop van Jan Trapman. Twee van de beelden zijn "portretten" van Annemarie en Melisande Kramer, dochters van de architect. Krop leverde overigens wel het grootste beeld aan de noordelijke rand van het plein, grenzend aan de Kinderbrug. Het werk draagt de titel De onbevangenheid der mensen tegenover het leven.