place

Brug 497

BeatrixparkBrug in Amsterdam-ZuidRolbrug
Brug 497, overspanning3
Brug 497, overspanning3

Brug 497 is een beweegbare brug in Amsterdam-Zuid. De brug verbindt het Beatrixpark ter hoogte van de Artsenijhof met een voetpad aan de overzijde van de Boerenwetering aan de achterzijde van de RAI. De brug dateert uit 1971/1972. Op een luchtfoto is vastgelegd dat de brug er nog niet was op 28 maart 1971. Een foto van september 1972 laat de brug wel zien. De brug werd gebouwd voordat de Floriade 1972 hier werd gehouden. De brug is een opvallende verschijning. De meeste bruggen over de Boerenwetering zijn van de hand van Dienst der Publieke Werken. Daar werkte tot 1952 Piet Kramer als bruggenarchitect. Zijn opvolgers Dick Slebos en Dirk Sterenberg lieten zich nog wel eens bij hun ontwerpen door Kramer inspireren. Echter niet in dit geval; de brug werd uitgevoerd als rolburg, een opmerkelijke verschijning in Amsterdam. Het beweegbare deel klapt niet open als bij een klapbrug of basculebrug) noch draait weg zoals bij een draaibrug, maar wordt via een railsysteem in de lengte van de brug verplaatst. Een logisch gevolg is dat de brug vlak is. Een gevolg is ook dat opening en sluiting nogal rumoerig is vanwege het schuiven, reden waarom deze brug na 21.00 uur niet (meer) bediend wordt. Een moeilijkheid is voorts dat de brug niet naar haar uiterlijk alleen aan een van de architecten toegewezen kan worden; het is een (relatief) unicum. De bestektekeningen laten de naam Dirk Sterenberg zien.

Fragment uit het Wikipedia-artikel Brug 497 (Licentie: CC BY-SA 3.0, Auteurs, Beeldmateriaal).

Brug 497
Scheldeplein, Amsterdam Zuid

Geografische coördinaten (GPS) Adres Nabijgelegen plaatsen
placeToon op kaart

Wikipedia: Brug 497Lees verder op Wikipedia

Geografische coördinaten (GPS)

Breedte Lengte
N 52.34255 ° E 4.8854805555556 °
placeToon op kaart

Adres

RAI Amsterdam

Scheldeplein
1078 GR Amsterdam, Zuid
Noord-Holland, Nederland
mapOpenen op Google Maps

Brug 497, overspanning3
Brug 497, overspanning3
Ervaringen delen

Nabijgelegen plaatsen

Zuiderpark (Amsterdam)
Zuiderpark (Amsterdam)

Het Zuiderpark is een voormalig park in Amsterdam-Zuid. Amsterdam kent in de 21e eeuw nog steeds een Westerpark, Noorderpark en Oosterpark. De parken kwamen steeds in de jaren van stadsuitbreidingen. Datzelfde gold voor het Zuiderpark. Het verschijnt als zodanig voor het eerst op de stadskaarten van rond 1936, wanneer de stadsbebouwing eindigt bij het Scheldeplein/Westerscheldeplein en de naar het westen lopende Wielingenstraat. Ten zuiden daarvan begint een uitgestrekt agrarisch gebied. Op die voormalige landbouw- en veeteeltgronden werd een driehoekig park aangelegd met een centraal gelegen vijver en zandbak, afgeschermd door een pergola. Zij werd begrensd door de rechthoek van Wielingenstraat (noord) en het zuidelijk deel van de Haringvlietstraat (west). De oostkant werd diagonaal geplaatst vanaf Scheldeplein zuidwestwaarts tot ongeveer waar de Rijksweg 10 de Boerenwetering oversteekt. Aan de andere zijde van de Boerenwetering werd eveneens een park geprojecteerd, het Diepenbrockpark, dat in 1938 de naam Beatrixpark kreeg. De naam Zuiderpark verdween langzaam, het werd gezien als onderdeel van het Beatrixpark. Eind jaren vijftig verdween het park onder het bouwterrein voor RAI Amsterdam. In het landschap is er niets meer van terug te vinden, net zoals de weg die langs de diagonaal liep en de zuidelijke helft van de Haringvlietstraat. Alles verdween ten faveure van het evenementengebouw. Een overblijfsel van het park is het beeld De lente van Fred Carasso in opdracht van Gemeente Amsterdam speciaal voor het park gemaakt.

Vleugelvormen (Felix van Kalmthout)
Vleugelvormen (Felix van Kalmthout)

Vleugelvormen is een artistiek kunstwerk in Amsterdam-Zuid, Beatrixpark. Het is een beeld van Felix van Kalmthout. De "Vereniging Vrienden van het Beatrixpark" werd in 1981 opgericht en die wilde eigenlijk direct plaatsing van een kunstwerk in het park. Allereerst werd gedacht aan een reiger, destijds symbool van de vereniging en deed een oproep aan kunstenaars, waarbij de uiteindelijke keuze op Kalmthout viel. Financiering kwam uit een geheel ander project. De voet- en fietsbrug brug 416 zou vervangen moeten worden door een verkeersbrug om een betere aansluiting tussen twee delen Minervalaan te krijgen. Het project ging in de ijskast en er kon uit het vrijgekomen potje subsidie aangevraagd en verstrekt worden voor het beeld. Daarna ontspon zich het ingewikkelde traject van plaatsing van een beeld in de open ruimte. Met name de Commissie van Advies voor Beeldende Kunst Amsterdam had bezwaren. Het was te figuratief, maar vooral door de dunne poten vandalismegevoelig ook al stond het in de parksingel. Door dat laatste was de kunstenaar bereid het beeld aan te passen. Het werd een totaal ander beeld, een abstract beeld van vleugelvormen die over het water scheren. In 1986 was het gehele traject afgerond en kon tot plaatsing overgaan. Het werd niet de vijver bij de kastanjebomen met de parksingel. Het beeld was zwaar en zo moesten er drie betonnen heipalen gezet worden om het beeld te kunnen plaatsen; er moest een hijsinstallatie aan te pas komen het op die plek te krijgen.

Pinguïns (Jan Trapman)
Pinguïns (Jan Trapman)

Pinguïns in een kunstwerk van Jan Trapman in Amsterdam-Zuid. Trapman was een van de kunstenaars die in de crisisjaren van rond 1930 opdrachten kreeg van de gemeente Amsterdam voor het leveren van beelden tegen een vergoeding om in het levensonderhoud te kunnen blijven voorzien. Zo maakte hij de Tijger en Beer voor de borstwering tussen de Vierwindstrekenbrug en het Erasmuspark. Het is waarschijnlijk de bedoeling geweest ook deze pinguïns rondom de brug te plaatsen maar in de stukken van de Dienst der Publieke Werken, verantwoordelijk voor de brug, is er niets van terug te vinden (de tijger en beer overigens wel). Wel is terug te vinden dat deze dienst in 1941 een ontwerp heeft gemaakt voor de sokkel van de pinguïns voor plaatsing in het Beatrixpark, al zij het met een plaatsing op een iets andere plek. De tekening daarvan zit in dezelfde map van het ontwerp van de ondergrond voor het beeld Meermin van Leo Braat. Trapman beeldde diverse soorten pinguïns af, die normaliter nooit bij elkaar zouden staan. Bovendien beeldde hij de pinguïns allemaal in dezelfde hoogte af, terwijl in de natuur de diverse soorten pinguïns variëren in grootte. Een van de vogels loopt daardoor met een gebogen nek. Het beeld is voorzien van het monogram van de beeldhouwer, een cirkel met de letters JTR. De sokkel van 120 cm hoogte, waarvan een groot deel onder water, bestaat uit geelbruine bakstenen die in een soort Amsterdamse Schoolstijl zijn gemetseld.

Kogelbron (RAI Amsterdam)
Kogelbron (RAI Amsterdam)

De Kogelbron is een kunstwerk in Amsterdam-Zuid. Het werk is een schepping van de Duitse kunstenaar Christian Tobin. Christian Tobin, die toen nog Christian Mayer heette, schiep dit soort stenen (Duits: Kugelbrunnen; Engels: Floating spheres) vanaf 1983. De eerste, getiteld Oblio, ligt in München. Daarna was er een te zien tijdens het kunstproject Phänomena dat in 1984 gehouden werd in Zürich. Even later was een soortgelijke steen te zien in Het Park in Rotterdam in de tentoonstelling Het Fenomeen. De gemeente Amsterdam bestelde vervolgens deze steen, die vermoedelijk in 1993 werd geplaatst op de binnenterreinen van RAI Amsterdam aan het Europaplein. De Kogelbron bestaat uit vier onderdelen. Het onderste (1) is een waterbassin. Daarop ligt een bewerkte steen (2) met daarin een uitsparing van een leiding naar de fontein (3) en een komvormige uitsparing. In die kom ligt een rood granieten bolvormige steen (4). Door de fontein met de juiste waterkracht te laten spuiten (in Zwitserland geldt een druk van 0,3 bar bij 5 liter water per seconde) blijft de ronde steen als het ware op de fontein drijven. Met de hand kan vervolgens de steen aan het draaien gebracht worden. Op de bewerkte steen bij de RAI is een subtitel uitgebeiteld: Tauf Stein (doopsteen). Amsterdam heeft een tweede Kogelbron in het Oostenburgerpark. Volgens opgave van de kunstenaar zijn er ook kogelbronnen in (Aken) Duitsland, Zwitserland, Oostenrijk, Finland, Japan en Verenigde Staten.

Johnny & Jonesbrug
Johnny & Jonesbrug

De Johnny & Jonesbrug (brug 433) is een vaste brug in de Prinses Irenebuurt in Amsterdam-Zuid. De voetgangersbrug is gelegen over de toegang tot de cirkelvormige centrale grote vijver van het Beatrixpark. Het is gelegen naast de “vaste plantentuin”. In de directe omgeving staat het beeld Pinguïns van Jan Trapman. Het park dateert uit de periode 1936-1938 toen het werd aangelegd volgens een plan van Ko Mulder, architecte bij de Dienst der Publieke Werken. De brug is echter van aanmerkelijke jongere datum, ze dateert uit 1970/1971. Ze is vermoedelijk aangelegd vanwege de Floriade die in 1972 in dit park werd gehouden. Door middel van de brug kon het publiek geheel rond de grote ijver met fontein lopen. De brug overspant de toegang zonder jukken of pijlers en is grotendeels van hout. Het ontwerp is vermoedelijk afkomstig van de Publieke Werken. De brug ging vanaf het begin naamloos door het leven, dat wil zeggen alleen met nummer 433. De gemeente Amsterdam vroeg in 2016 aan de Amsterdamse bevolking om mogelijke namen voor dergelijke bruggen. Veel inzendingen werden niet gehonoreerd, maar deze brug kreeg de naam Johnny & Jonesbrug. Het is een vernoeming naar het duo Johnny & Jones, een befaamd jazzduo van vlak voor de Tweede Wereldoorlog, maar vanwege uitputting gestorven in concentratiekamp Bergen-Belsen. In het park zijn meerdere bruggen vernoemd naar musici. Brugnummer 433 was al eerder gegeven aan een duiker in de Beemsterstraat over een ringsloot naar de Watergangsestraat in Amsterdam-Noord. Het is onbekend of die duiker nog actief is.