place

Played rack

Beeld in Amsterdam-Zuid
Played rack (4)
Played rack (4)

Played rack is een artistiek kunstwerk in Amsterdam. De scheppend kunstenaar Maze de Boer liet zich voor dit werk inspireren door de klimrekken Iglo en Klimboog van Aldo van Eyck (Engels voor klimrek is Play rack) en de druiprekken die Jan van der Togt ontwierp voor Tomado (Engels voor afdruiprek Plate rack). De Boer combineerde deze drie structuren tot een nieuwe, waarbij de visie op het afdruiprek ondersteboven werd geplaatst. Toch blijven kinderen het klimrek zien en volwassenen meest het (af)druiprek. Het kunstwerk uit 2010 meet 550 bij 400 bij 100 centimeter en is gefabriceerd van roestvast staal. Het stond in eerste instantie in Amsterdam in een oude metaalbewerkingfabriek voor onder andere sterilisatiemachines. Maze de Boer beschouwt zichzelf als kunstenaar die kunst maakte die plaatsgebonden was dan wel kunst die een reactie was op de plaats. Tegelijkertijd wil hij dat een opgeleverd kunstwerk op willekeurig welke plaats dan ook neergezet kan worden. Het Parool omschreef het rek in 2022 als zijnde op zoek naar het behoudt van de essentie van een object terwijl De Boer het ontwerp steeds verder figuurlijk uitkleedt. Na die eerste plaats verhuisde de constructie regelmatig en stond bijvoorbeeld tijdelijk in een park en ook voor het Cobra Museum voor Moderne Kunst Amstelveen. Het werd in de zomer van 2019 geplaatst aan de Amstelveenseweg tussen het voormalige Burgerweeshuis en kantoorcomplex Tripolis, beide ontworpen door Aldo van Eyck, de eerste in het begin, de tweede aan het eind van zijn architectenloopbaan. Het kwam "te liggen" nabij het toen net geplaatste metershoge werk Spiegel van de hemel van André Volten. Sinds de (voor)zomer van 2020 is het opgesteld op de terreinen rondom het Van Eesteren Museum (waarvan de coördinaten); het is daar geplaatst naast zijn voorbeeld: een klimrek van Aldo van Eyck.

Fragment uit het Wikipedia-artikel Played rack (Licentie: CC BY-SA 3.0, Auteurs, Beeldmateriaal).

Played rack
Noordzijde, Amsterdam Nieuw-West

Geografische coördinaten (GPS) Adres Nabijgelegen plaatsen
placeToon op kaart

Wikipedia: Played rackLees verder op Wikipedia

Geografische coördinaten (GPS)

Breedte Lengte
N 52.372555555556 ° E 4.8266888888889 °
placeToon op kaart

Adres

Noordzijde
1064 CV Amsterdam, Nieuw-West
Noord-Holland, Nederland
mapOpenen op Google Maps

Played rack (4)
Played rack (4)
Ervaringen delen

Nabijgelegen plaatsen

Speeltoestel Van Eesteren Museum
Speeltoestel Van Eesteren Museum

Speeltoestel Van Eesteren Museum is toegepaste kunst in Amsterdam Nieuw-West. Architect Aldo van Eyck ontwierp voor Amsterdam talloze speeltoestellen die op circa 700 speelplaatsjes werden neergezet. Veelal waren het losse toestellen zoals de iglo en tunnel. Voor een enkele speelplaats maakte hij grotere installaties, zie bijvoorbeeld Aldo van Eyck aan het Bertelmanplein. De speelplaatsen werden vanaf de jaren negentig van de 20e eeuw opnieuw ingericht en ook veiliger gemaakt. De toestellen en installaties van Van Eyck verdwenen (weer) uit het straatbeeld. Een van de grotere installaties uit de Stoomgemaalstraat in Osdorp moest ook plaatsmaken voor een nieuw terrein. In samenwerking met allerlei instanties als ook crowdfunding wist het Van Eesteren Museum 6000 euro bijeen te brengen om het gevaarte van de sloop te redden. Het bestaat uit drie torens met daartussen de varianten van duikelrekken. Het werd in 2018 aan de oostzijde van het genoemde museum geplaatst en op 23 november 2018 onthuld door Touria Meliani, wethouder Erfgoed, Kunst & Cultuur van Gemeente Amsterdam. Het zou volgens het museum een aanzet zijn voor de inrichting van een beeldentuin ter plaatse. In 2020 kreeg het speeltoestel gezelschap van het kunstwerk Played rack van Maze de Boer dat mede geïnspireerd is op de speeltoestellen van Van Eyck. In 2024 werd aan een soortgelijke installatie aandacht besteed in Geheimen van het museum. In de laatste aflevering van 2024/2025 waren medewerkers van het CollectieCentrum Nederland bezig met het in elkaar zetten van een speeltoestel afkomstig uit de Inlaagstraat. Het Rijksmuseum Amsterdam heeft in haar tuinen een aantal toestellen permanent in expositie, maar kon deze vanwege de grootte daar niet kwijt.

Dirk de Waterduikerbrug
Dirk de Waterduikerbrug

De Dirk de Waterduikerbrug (brug 617) is een vaste brug in de wijk Slotermeer in het stadsdeel Amsterdam Nieuw-West. De brug is gelegen in de straat Noordzijde en voert over een duiker, die het water van de jachthaven aan de noordkant van de Sloterplas verbindt met een smalle gracht die in noordelijke richting loopt. De brug en gracht maakten nog geen deel uit van het ontwerp dat Cornelis van Eesteren in 1939 voor de woonwijk maakte. De brug dateert van de midden jaren vijftig toen de woonwijk ten noorden van de Sloterplas verrees. Het uiterlijk van deze brug doet enigszins aan de Amsterdamse Schoolstijl denken. De walkanten en landhoofden zijn uitgevoerd in baksteen en heeft hier een dito overspanning met ontspanningsboog. De brug heeft aan de zijkanten boven de uiteinden van de duiker een natuurstenen rand met natuurstenen balusters, waarin een metalen balustrade hangt. De brug is ontworpen door de Dienst der Publieke Werken, toegewezen aan Dick Slebos. Het vele baksteen lijkt daarbij wel van de hand te zijn van Piet Kramer, die in 1952 bij de dienst vertrok. Van zijn opvolgers Dirk Sterenberg en Dirk Slebos is bekend, dat zij soms zijn ontwerpen aanpasten, maar er wel mee verder gingen. De brug ging vanaf de aanleg anoniem door het leven; ze was alleen bekend onder haar nummer. Sinds april 2016 nodigt de gemeente Amsterdam actief mensen uit om voorstellen aan te dragen voor dergelijke naamloze bruggen. Het voorstel om deze brug de Dirk de Waterduikerbrug te noemen werd in november 2017 goedgekeurd, zodat de brug aldus in de Basisregistraties Adressen en Gebouwen wordt opgenomen. Dirk de Waterduiker was de bijnaam van Dirk Rietveldt (1858-1940), die naar zeggen meer dan 60 mensen en huisdieren uit de Amsterdamse grachten gered heeft van de verdrinkingsdood. De vernoeming werd goedgekeurd omdat direct ten oosten van de brug ook drie straten naar redders zijn genoemd: Jan Cupidohof (naar Jan Cupido, die schipper was op reddingsboot De Brandaris op Terschelling), Dorus Rijkershof (naar Dorus Rijkers) en Frans Naerebouthof (naar Frans Naerebout).

Ferdinand Bordewijkbrug
Ferdinand Bordewijkbrug

De Ferdinand Bordewijkbrug (brug 616) is een vaste brug in de wijk Slotermeer in het stadsdeel Amsterdam Nieuw-West. De brug over een duiker vormt de verbinding tussen de Louis Couperusstraat en de Henriëtte Roland Holststraat. Aan de westzijde staat het gebouw en gemeentelijk monument Louis Couperusstraat 133, Amsterdam. De brug en gracht maakten nog geen deel uit van het ontwerp dat Cornelis van Eesteren in 1939 voor de woonwijk maakte; hij had hier geen water ingetekend, maar een groenstrook. De brug dateert van 1954/1955 toen de woonwijk ten noorden van de Sloterplas verrees. Het uiterlijk van deze brug doet enigszins aan de Amsterdamse Schoolstijl denken. De walkanten en landhoofden zijn uitgevoerd in baksteen en de brug heeft hier een dito overspanning met ontspanningsboog. De brug heeft aan de zijkanten boven de uiteinden van de duiker een natuurstenen rand met natuurstenen balusters, waarin een metalen balustrade hangt. De brug, die veel overeenkomsten vertoont met de Dirk de Waterduikerbrug, is ontworpen door Dick Slebos van de Dienst der Publieke Werken. Het vele baksteen lijkt daarbij wel van de hand te zijn van Piet Kramer, die in 1952 bij de dienst vertrok. Van zijn directe opvolgers, waaronder Slebos, is bekend, dat zij zich soms door Kramers werk lieten inspireren. De brug werd samen aanbesteed met brug 614 en de Dirk de Waterduikerbrug. De brug ging vanaf haar oplevering naamloos door het leven als brug 616. De gemeente Amsterdam vroeg in 2016 aan de Amsterdamse bevolking om mogelijke namen voor dergelijke bruggen. Een voorstel deze brug te vernoemen naar schrijver Ferdinand Bordewijk werd in maart 2018 goedgekeurd en opgenomen in de Basisadministratie Basisregistraties adressen en gebouwen. De straten die de brug met elkaar verbindt zijn eveneens vernoemd naar schrijvers (Henriëtte Roland Holst en Louis Couperus).

Burgemeester Röellstraat
Burgemeester Röellstraat

De Burgemeester Röellstraat is een straat in Amsterdam Nieuw-West. De straat loopt van het metrostation Jan van Galenstraat en ligt in het verlengde van de Jan van Galenstraat. De straat loopt vervolgens in westelijke richting tot het Lambertus Zijlplein. De familienaam Röell wordt uitgesproken als Reu-el, daarom staat het trema op de letter o. Een veelgemaakte fout is de uitspraak Ro-el door mensen die denken dat het trema op de e staat zoals in Joël. De straat kreeg zijn naam in 1952 en werd vernoemd naar Antonie baron Röell (1864-1940), burgemeester van Amsterdam van 1910 tot 1915, daarna commissaris van de Koningin voor Noord-Holland. De straat is, net als de Cornelis Lelylaan, gedeeltelijk verhoogd aangelegd met ongelijkvloerse, maar ook gelijkvloerse, kruisingen. Over de Burgemeester Cramergracht en de Burgemeester Van de Pollstraat liggen een brug en een viaduct van Piet Kramer uit 1953; brug nr. 604 staat sinds 2011 op de gemeentelijke monumentenlijst. Bij de kruising met de Slotermeerlaan is er een rotonde, het Burgemeester Röellcircuit met voor het tramverkeer net als een Grand Union afslaande bewegingen in alle richtingen. Het gedeelte tussen de Slotermeerlaan en de Burgemeester Van Leeuwenlaan werd opengesteld in 1954 en de aansluiting op de Colijnstraat kwam in 1961 tot stand. Na de bouw van Brug 650 kwam er aan de zuidzijde een weg voor bestemmingsverkeer. In 1974 bij de komst van tramlijn 13 werd de hooggelegen weg opengesteld tot het Lambertus Zijlplein maar was alleen bestemd voor bestemmingsverkeer. In 1984 kwam dit gedeelte voor het doorgaande verkeer in gebruik bij de aansluiting op de Abraham Kuyperlaan. Nauwelijks 12 jaar later werd het voor het doorgaande verkeer alweer buiten gebruik gesteld en het verhoogd liggende deel tussen de Van Leeuwenlaan en het Lambertus Zijlplein is in 2000 afgegraven waarbij de viaducten zijn gesloopt. Sinds 2001 ligt hier een gelijkvloerse trambaan. In 1991 vestigde de Hersteld Apostolische Zendingkerk zich in het bankgebouw(tje) Burgemeester Röellstraat 199. Tussen de Slotermeerlaan en het Lambertus Zijlplein rijdt tramlijn 13 sinds 1974. Tussen de Jan van Galenstraat en de Slotermeerlaan rijdt lijn 13 sinds 1989 door de straat. In 2019 werd door de kunstenaar Bastardilla een muurschildering getiteld Memories geplaatst op de flat op de kruising met de Dr. H. Colijnstraat. In 2024 volgde de muurschildering Drie zeilschepen van Matthieu Pommier op een blinde gevel aan de Burgemeester Van Leeuwenlaan. Eind 2022 werd begonnen met de herinrichting van de straat waarbij de rijbanen worden versmald, de trambaan wordt rechtgetrokken met meer ruimte voor fietsers en voetgangers, groen en extra woningen. Er is een 30 kilometer zone gerealiseerd.

Tetraëder met cirkel
Tetraëder met cirkel

Tetraëder met cirkel is een artistiek kunstwerk in Amsterdam Nieuw-West. Het werk werd gefinancierd door de gemeente Amsterdam als ook de provincie Noord-Holland. Het werd oorspronkelijk geplaatst in het Open Havenfront voor het Station Amsterdam Centraal. Dat was weer open na de perikelen van de aanleg van de Amsterdamse Metro; het Noord-Zuid Hollandsch Koffiehuis was immers ook weer terug. Kunstenaar Gustav Meist was vanaf 1985 bezig met het beeld. Het beeld bestaat uit twee delen. Het eerste is een rode cirkel, die deels op het water drijft maar ook voor een deel onder water ligt. Het tweede deel is een piramide, die in de wind schommelt. Die piramide wordt langzaam gevuld met water, wordt zwaarder en zakt binnen de cirkel het water in. Daar wordt de piramide weer leeggepompt, wordt dus lichter en komt dan weer tevoorschijn. Die beweging die eeuwig herhaalt duurt ongeveer een uur. De kunstenaar wilde dat de jachtige reiziger op het Stationsplein even stilstond bij het beeld, om vervolgens weer haastig te vertrekken. Meist was gespecialiseerd in geometrische vormen, maar moest toch enige tijd aan dit kunstwerk werken om het eeuwig bewegend te krijgen. Er doemden allerlei problemen op. Zo was de vraag wat er moest gebeuren als het Open Havenfront dichtvroor. Ook moest hij op zoek naar een speciale coating, omdat anders algen zich aan het kunstwerk zouden hechten. Een schaalmodel werd tentoongesteld in de De Melkweg. Het werk lag in ieder geval niet eeuwig in het Open Havenfront, want dat wordt met regelmaat gebruikt bij bouwwerkzaamheden. Het object verhuisde rond 2000 naar de kom in de Burgemeester Cramergracht in de dan nieuwe wijk Oostoever Sloterplas. Over het bewegingsmechanisme nog werkt is onbekend.