place

Garnalenkerk

Bouwwerk in Amsterdam-CentrumKerkgebouw in AmsterdamSchuilkerk

De Garnalenkerk is een voormalige 18e-eeuwse katholieke schuilkerk in de Jordaan, Amsterdam-Centrum die tegenwoordig wordt gebruikt voor tentoonstellingen.

Fragment uit het Wikipedia-artikel Garnalenkerk (Licentie: CC BY-SA 3.0, Auteurs).

Garnalenkerk
Willemsstraat, Amsterdam Centrum

Geografische coördinaten (GPS) Adres Nabijgelegen plaatsen
placeToon op kaart

Wikipedia: GarnalenkerkLees verder op Wikipedia

Geografische coördinaten (GPS)

Breedte Lengte
N 52.381083333333 ° E 4.8846944444444 °
placeToon op kaart

Adres

Willemsstraat 63
1015 HX Amsterdam, Centrum
Noord-Holland, Nederland
mapOpenen op Google Maps

Ervaringen delen

Nabijgelegen plaatsen

Palmgracht 41-43
Palmgracht 41-43

Palmgracht 41-43 te Amsterdam is een gebouw aan de Palmgracht in Amsterdam-Centrum. Het gebouw, staande op de hoek met de Palmdwarsstraat is sinds 27 augustus 1970 een rijksmonument. Het gebouw heeft niet altijd dit adres gehad, want in 1940 lag aan de overzijde van de Palmdwarsstraat het terrein van Palmgracht 45-47. De gracht zelf is de 17e eeuw gegraven en toen verscheen ook de eerste bebouwing alhier. Bij de adresuitgifte in de 19e eeuw kreeg het hoekpand adres 49-51, wat nog later werd verwisseld voor 51-53. Weer later werd het opnieuw omgenummerd tot Palmgracht 41-43. Of Palmgracht 41-43 nog tot de originele bebouwing behoort (althans qua uiterlijk) is niet bekend, maar het monumentenregister omschrijft het als hoekhuis uit 17e of 18e eeuw met een voorgevel onder een rechte lijst uit de 19e eeuw. In 1983 stond hier een gebouw dat door middel van steunberen overeind gehouden moest worden; er waren toen drie bouwlagen onder een puntdak met twee haaks op elkaar staande dakkapellen. Aan de kant van de Palmgracht stond voor het gebouw een anachronisme in de vorm een splitskast uit de periode van de Amsterdamse School. De kast werd echter niet in die stijlperiode (jaren 20) geplaatst; op een foto uit midden jaren vijftig is die splitskast niet te zien; wel een brandmelder. Het gebouw heeft de typisch voor Amsterdam uiterlijk van een hoekpand met winkel. Het winkelgedeelte werd niet ommuurd maar voorzien van kolommen met daartussen glas voor etalages.

Oranjebrug (Amsterdam)
Oranjebrug (Amsterdam)

De Oranjebrug (brug 146) is een ophaalbrug in Amsterdam-Centrum. De straat ligt in het verlengde van de Buiten en Binnen Oranjestraat, voert vervolgens over de Brouwersgracht en sluit dan net niet goed aan op de Willemsstraat. Dat laatste heeft te maken met dat die straat bij de aanleg van de brug en vernieuwingen een gracht was (Goudsbloemgracht). Balthasar Florisz. van Berckenrode tekende daarom in zijn kaart van 1625 twee bruggen in: een klein bruggetje over de Goutbloems Graft (die uiteraard na de demping daarvan verdween) en een lange brug over de Brouwers Graft. De brug leidde toen naar het noorden nog nergens naartoe; het gebied tussen Brouwersgracht en de huidige Haarlemmerstraat was nog onbebouwd op een enkel kavel na. Beeldbank Amsterdam is in het bezit van een bouwtekening van een brug van rond 1711, toen hier een brug met drie doorvaarten onder gewelven werd gezet. De moderne geschiedenis van de brug begint in 1810. Een "nieuwe brug" werd ter bouw aangeboden met het "maken van twee nieuwe balans-gebinten, wippen, klappen of vallen". Die brug lag er niet lang. In februari 1832 werd er door de gemeente Amsterdam opnieuw aanbesteed: "Al de leverancien en arbeidsloonen, behoorende tot het vernieuwen van de Brug no.146". Men kon bieden na inzage van de papieren in het Noord-Hollandsch Koffiehuis, Het Vosje of bij de Stads Publieke Werken. De aannemer van die brug moest de opdracht uitvoeren onder leiding van stadsarchitect Jan de Greef, maar Jan Galman was de ontwerper, ook voor de verderop gelegen brug 148. Hij tekende een houten ophaalbrug, die het lang volhield, alhoewel zij in 1881 grondig gerepareerd moest worden, voertuigen mochten er een dag niet overheen. In 1898 was de brug opnieuw aan vervangen toe; houten ophaalbruggen waren toen uit de mode; er moest een ijzeren ophaalbrug komen. Tijdens de werkzaamheden kon de brug voor scheepvaartverkeer nog gebruikt worden; in januari 1899 raakte een schipper nog met zijn lijf bekneld tussen schip en brug. In maart 1899 hield ook dat verkeer op; de val werd geplaatst. Op 13 april 1899 was de brug in zoverre klaar dat koningin Wilhelmina der Nederlanden met haar stoet over de brug kon trekken tijdens een uur durende rondrit in de stad. Het ontwerp voor deze brug is waarschijnlijk van de hand van Wichert Arend de Graaf, die een hele reeks ophaalbruggen kon plaatsen. De brug bestond/bestaat uit twee ijzeren aanbruggen en een beweegbaar middengedeelte. De brug ligt daarbij op twee opgemetselde pijlers die afgedekte zijn met natuursteen; hetzelfde geldt voor de landhoofden. De brug is voorzien van typisch 19e-eeuwse balustrades en leuningen. Opvallend daarin zijn de natuurstenen balusters op de pijler die alleen het brugdek draagt. Men vermoedt dat het enkel een versiering betreft, het nut heeft men er in een eeuw tijd niet bij gevonden. Het idee dat het een richtpunt voor schippers zou kunnen zijn, werd terzijde gelegd. Rond 1997 werd de brug met haar buurvrouw en zusje brug 148 gerenoveerd, nadat ze in 1995 tot gemeentelijk monument waren verklaard. Toenmalige wethouder Guusje ter Horst mocht de nieuwe brug openen. Het ijzer van ijzergieterij Penn & Bauduin uit Dordrecht bleef er onverschillig bij.